» Zon sta stil

Wat is dit?

Foto -> VERNIEUWD:DE GOD VAN DE GESCHIEDENIS SERIEUS NEMEN!
Een antwoord aan prof Kwakkel en collega is per 31 maart 2010 toegevoegd.

Het gaat hier op dit moment om een heel actuele pagina. Hieronder lees je een reactie een interview met en de dissertatie van dr Koert van Bekkum waarin hij o.a. zegt dat het niet nodig is om wat we lezen in Jozua 10 als een astronomisch wonder te zien.
Op mijn reactie daarop klommen prof Kwakkel (Nederlands Dagblad 25 maart en collega Hempenius (Nederlands Dagblad 27 maart) in de pen. Het is niet mogelijk voor mij om daarop nog in het ND te reageren. Daarom vind je na de Vrijplaats mijn reactie op hun argumenten. Ik heb deze reactie 30 maart 2010 geschreven.



VRIJPLAATS

DE GOD VAN DE GESCHIEDENIS SERIEUS NEMEN!->

Op deze plaats heeft iets meer dan een week een door mij gestuurde Vrijplaats aan het nederland Dagblad gestaan die niet geplaatst was. Nu, 23 maart 2010, is een Vrijplaats met dezelfde inhoud wel geplaatst. In het nederlands Dagblad is de geschreven Vrijplaats wel verkort. Hieronder vind je de volledige versie. Hierbij is toegevoegd een bespreking van wat dr. Koert van Bekkum eerder in dezelfde lijn over de geschiedenis van David en Goliat geschreven heeft.->


De afgelopen weken heb ik met belangstelling het interview met Koert van Bekkum 12 maart gelezen en ook het verslag van de promotie in het ND van 19 maart. Met des te meer belangstelling heb ik zijn dissertatie gelezen. Wat je hieronder leest is vooral een korte reactie op de dingen die van Bekkum over Jozua 10 zegt en schrijft.
Het doet hem pijn dat veel orthodoxe gelovigen de geschiedenis niet serieus nemen. Er zouden bijna geen orthodoxe theologen zijn die de geschiedenis serieus en open bestuderen. Als je het interview en de dissertatie leest, krijgt dat serieus en open een bepaalde invulling. Dat is de invulling dat je de geschiedenis en de geschiedenisbeschrijving in het Oude Testament moet lezen met de bril van de geschiedenisbeschrijving zoals die onder de volken in het Oude Nabije Oosten er was. Het gaat niet zozeer om het serieus nemen van de geschiedenis maar om een pleidooi om de geschiedenisbeschrijving te nemen volgens de vertelconventies die daar volgens van Bekkum toen werden toegepast.
Van Bekkum pleit er dan wel voor dat het om de boodschap gaat. Er is bijvoor beeld in Jozua 10 wel echt iets gebeurd. Echt gebeurd is de grote overwinning waarbij de HERE heeft laten zien dat Hij voor zijn volk strijdt. Maar o.a. het astronomische wonder hoort bij de verpakking die vanuit de geschiedenisbeschrijving van het Oude nabije Oosten komt.
Grote problemen hierbij zijn dat je als mens eerst zelf de bedoeling vaststelt en niet het geheel van de historische vertelling de boodschap voor je laat vertellen. Er is in Jozua 10 en de rest van de Bijbel ook geen enkele aanwijzing dat we wat de HERE ons hier vertelt als niet zo gebeurd moeten opvatten. In de dissertatie vormt het argument vanuit Jozua 10:42 een belangrijk element. Het gaat er daar om dat Jozua in eenmaal de overwinning heeft behaald. Dat eenmaal zou dan betrekking op die ene dag van Jozua 10:13,14. Dit is helemaal niet dwingend want het kan hier ook over de ene veldtocht gaan waarin dit gebeurd is.
Ik vind het misleidend als je bij de mening van van Bekkum blijft zeggen dat het om gewone historie gaat.
Je ziet ook nergens in het Nieuwe Testament dat er zo met het Oude Testament wordt omgegaan. Het is dan ook niet voor niets dat we in art 7 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis belijden: “En zonder in enig opzicht te twijfelen geloven wij alles wat zij (de boeken van de Heilige Schrift) bevatten.” De Heilige Geest benadrukt juist in de Bijbel dat we echt aan kunnen op wat Hij door mensen daar zegt. We hebben niet te maken met mythen. We hoeven verhalen in de Bijbel niet te ontdoen van een mooie schil met een bedoeling om bij de boodschap uit te komen. Zie o.a: 2 Petrus 1:16-21
De HERE maakt ons in Zijn Woord niet afhankelijk zijn van theorieën over het Oude Nabije Oosten. Hij maakt ons ook niet afhankelijk van wetenschappers die nu ineens vertelconventies in het Oude Nabije Oosten ontdekken waardoor we de geschiedenis in het Oude Testament heel anders moeten lezen. De heilige Geest heeft ook als schrijver van het Oude Testament er voor gezorgd dat in de geschiedenisbeschrijving de feiten ons betrouwbaar worden overgeleverd. Je ziet ook in de geschiedenis van Gods volk in het Oude Testament hoe de HERE zijn volk steeds weer een weg wijst die tegen de cultuur en gebruiken van de volken rond Israel ingaat. Je ziet hoe het volk daar moeite mee heeft maar de HERE met groot gezag die weg blijft wijzen door oordelen heen. Denk maar aan het gouden kalf (Ex 32) en de eredienst van Jerobeam de zoon van Nebat (1 Kon 13) Je kunt de cultuur en bepaalde vormen van geschiedenisbeschrijving in het Oude Nabije Oosten niet gelijkstellen met wat onder de hoede van de Heilige Geest in Israel gebeurd is. Hierbij komt nog dat de voorbeelden die van Bekkum uit de geschiedenisbeschrijving van het Oude Nabije Oosten zeker niet dwingend zijn. Hij komt niet verder dan dat het niet ongewoon was om een grote overwinning van koningen als een overwinning in een dag te beschrijven. Terwijl het in werkelijkheid over een langere periode gaat. Hij geeft daarvan 3 voorbeelden.
Het gaat in wat van Bekkum stelt niet om de tegenstelling tussen serieus met de geschiedenis omgaan of niet. Het gaat om de tegenstelling wie neem ik het meest serieus: de geschiedenisbeschrijving volgens de normen van het Oude Nabije Oosten of de God van de geschiedenis die op een betrouwbare manier beschrijving van de geschiedenis gegeven heeft in de Bijbel.

-> Domino-effect->

Is dit zo dat ik wat van Bekkum naar voren brengt, afwijs omdat ik bang ben voor een domino-effect? Nee, dat speelt bij mij en veel orthodoxe theologen geen rol. Het gaat er om dat ik als kind van God, die mij door Zijn geweldige liefde in Christus gered weet, aan de HERE toevertrouw zoals Hij zichzelf in Zijn Woord bekend gemaakt heeft. Hij is zoveel betrouwbaarder dan mensen. Hij leidt de geschiedenis, overziet de geschiedenis. Hij heeft met Zijn Geest mensen Zijn Woord laten opschrijven ook in het vertellen van geschiedenis. Op hem vertrouw ik ook als ik wetenschappelijk bezig ben. Sta ik dan nooit voor problemen? Ja. Dan kan ik ook niet alles oplossen maar mijn houding blijft dat ik de HERE op Zijn Woord geloof. Daarom is er ook geen enkele aanleiding om te twijfelen aan wat we in Jozua 10 lezen. Het gaat daar heel duidelijk om een dag die veel langer heeft geduurd dan onze gewone dagen.

-> Menselijke maat->

Juist bij het voorbeeld in Jozua 10 zie je hoe er de behoefte is om dingen volgens menselijke maat te bekijken. Er wordt een schema op deze geschiedenis gelegd vanuit het Oude Nabije Oosten Ik kan er niet onderuit om vanuit wat ik lees te zeggen dat het zo omgaan met de Bijbel Schriftkritisch is. Niet omdat van Bekkum kritiek op de Bijbel wil hebben. Niet dat ik zijn integriteit op een of andere manier op dit punt in twijfel trek maar omdat Hij de Schrift niet neemt zoals de Geest die zelf presenteert.
Het moet me na drie studiedagen in Kampen die ik bijgewoond heb nog wel van het hart dat het kunnen verdedigen van deze dissertatie en de toekenning van een cum laude door de Universiteit bij mij en anderen het vertrouwen in de Universiteit wel heel sterk op de proef stelt.

Ds Rob Visser



-> ISRAEL LEEFDE NIET OP PAASEILAND! DE GEEST GAF HET VOLUIT BETROUWBARE WOORD.

Antwoord aan professor Kwakkel en ds Hempenius

Tekort door de bocht?->


Het grote verwijt van prof Kwakkel in het Nederlands Dagblad van 25 maart aan mijn adres is, dat ik zou zeggen dat deskundige hulp bij het lezen niet nodig en niet goed zou zijn. Ik zou tekort door de bocht zijn in mijn kritiek op de manier waarop dr Koert van Bekkum met de geschiedenis in de Bijbel omgaat.
Ik ga daarop nu kort in en hoop in de komende maanden daarop breder in te gaan in een publicatie in boekvorm.
Het eerste wat gezegd moet worden is dat dr. Koert van Bekkum zelf heel opvallend de publiciteit gezocht heeft met het interview van 12 maart in het ND. Daarin brengt hij heel nadrukkelijk zijn visie op het wonder van Jozua 10 naar voren. Laten we goed bedenken dat de meeste lezers van de krant nooit aan het lezen van de dissertatie toekomen en het moeten doen met de argumenten die daar door hem gebruikt worden. Daarbij komt dat wil je een vrijplaats in het ND geplaatst krijgen die niet veel meer dan 750 woorden mag tellen. Er is dan geen ruimte voor uitvoerige argumentatie. Dan kun je een beschuldiging van kort door de bocht makkelijk maken. Al is die beschuldiging volgens mij ook na het lezen van de reacties van Kwakkel en Hempenius niet terecht. Ik ga hun argumenten kort na:
Volgens prof Kwakkel zou ik geen rekening houden met de wereld waarin Israel leefde. Dat is in het schrijven van collega Hempenius zelfs het grote verwijt. Daarop kan ik in alle rust antwoorden dat het niet zo is. Ook ik hecht veel waarde aan de kennis van de wereld van het Oude Nabije Oosten. De kennis daarvan geeft op veel punten een meer helder zicht op wat we in de Bijbel lezen. Het verdiept ook het verstaan van het Woord van God. Ik zal daarvan een voorbeeld geven uit het door mij geschreven: Hoe God alles maakte (verklaring van Genesis 1-3). Als het over de vierde dag gaat schrijf ik daar o.a: “Als je naar vers 14-17 kijkt, valt het op hoeveel er over de schepping van zon, maan en sterren gezegd wordt. Hierin zie je hoe de HERE de geschiedenis overziet. Hoe Hij Zijn openbaring ook geeft met het oog op de toekomst. Hij weet hoe de verering van de hemellichamen een grote rol in de geschiedenis gaat spelen. Hoe die verering ook steeds weer een verleiding voor Zijn volk Israel zou zijn. De Egyptenaren hebben de zon vereerd. Ook bij de Amorieten, Assiryriërs en de Babyloniërs werden hemellichamen aanbeden. De zon was de god Samas die elke dag over de aarde ging en zag wat ieder mens op aarde deed. Uit de verering van Samas groeide ook de aanbidding van de godin Isjtar die later ook onder Israel als hemelkoningin vereerd wordt. Zie Jer 7:18; 44:17-19,25.”
Het kennen van de wereld van de goden en de gebruiken in het Oude Nabije Oosten kan ons helpen om de Bijbel nog beter te leren verstaan. Dat geldt ook als het gaat om stijlfiguren en dergelijke.
Dan kom ik bij het volgende uit. Prof Kwakkel brengt tegen mij in geding wat we in Psalm 42 lezen. Hij schrijft zelf al dat het in de voorbeelden die hij tot dan toe gegeven heeft om poëzie gaat. Laten we eerlijk zijn dat het in de discussie over de dissertatie van van Bekkum niet over poëzie en beeldspraak gaat. Dat maakt van Bekkum ook duidelijk als hij spreekt over het poëtische citaat uit het Boek van de oprechte en de uitleg daarvan in gewoon proza. Bij van Bekkum krijgt een bepaalde manier van vertellen dat hij meent te zien in het Oude Nabije Oosten een bepaald gezag bij het lezen van de Bijbelse geschiedenis. Dat is het punt in geding.
Het gaat ook niet om een bepaalde herhaling. Ik heb op geen enkele manier beweerd in mijn schrijven dat bepaalde gegevens niet herhaald kunnen worden. Zelf zie ik het bij Jozua 10 zo dat twee keer verteld wordt dat ze naar Gilgal gaan. Dat het dan ook over dezelfde gebeurtenis gaat. De eerste keer in vers 15 wordt verteld dat ze na dat grote wonder en die grote overwinning samen naar Gilgal gingen. Dat daarna verteld wordt wat er in de tijd tot ze in Gilgal waren nog meer gebeurd is. Ook in wat prof Kwakkel daarover schrijft zit geen enkel echt punt dat zich tegen mijn schrijven verzet.
Wat is nu het werkelijke probleem? Dat is dat wat ons in de Schrift als feiten wordt gepresenteerd met een beroep op Oud-Oosterse geschiedenisbeschrijving wordt betwijfeld. Er is niets in de Schrift dat ons maar aangeeft dat het hier niet om feiten zou gaan. Zo wordt er ook op geen enkele manier in de Schrift zelf met de vertelde geschiedenis omgegaan. Als het bijvoorbeeld om een fabel gaat, wordt ook aangegeven dat hier een fabel verteld wordt. Zie bijvoorbeeld Rechters 9: 7-16 Als het om poëzie gaat, zien we dat aan de stijl die gebruikt wordt. Dan zie je ook allerlei stijlfiguren die bij de poëzie horen. Het is in Jozua 10 juist zo dat het citaat uit het Boek van de oprechte poëtische taal is maar dat het een uitleg in proza krijgt. Er wordt zonder poezie verduidelijkt wat deze woorden betekenen.
Het is zelfs zo dat mensen buiten de Bijbel die veel dichter bij de geschiedenisbeschrijving uit de tijd gestaan hebben het wonder in Jozua 10 beschrijven als feiten die er toen waren. Ik denk hier aan Jezus Sirach en Flavius Josefus.
We lezen niet voor niets dat als het om het profetische Woord gaat we geen mythen navolgen. Zie o.a. 2 Petrus 1:16-21 Een mythe is juist een verhaal waarin een kern van wat echt gebeurd is vermengd is met fantasie.
Het gaat in de Schrift om het getuigenis van de Heilige Geest dat de HERE ons gegeven heeft. Als Petrus erop wijst dat wat Hij gezien heeft er juist voor heeft gezorgd om nog meer vertrouwen in de woorden van de profeten te hebben dan zie je dat het in de hele Bijbel om Gods getuigenis gaat. Dan zijn de verhalen die in de Schrift verteld worden niet gelijk te stellen aan de mythische manier waarop er in het Oude Nabije Oosten mee werd omgegaan. Dan zijn hier ook van belang wat prof van Houwelingen in zijn verklaring van 2 Petrus 1:16 schrijft: “Onze getuigenverklaring, aldus de apostel, is gebaseerd op eigen observatie. Wij geven geen informatie van anderen door en wij vertellen geen vernuftig verzonnen verhalen (letterlijk: ‘mythen’). Gods openbaring is geen mythe en onze verkondiging is geen ‘vervolgverhaal’. Het gaat bij ons apostolisch getuigenis niet om produkten van de menselijke fantasie maar om feiten die we zelf hebben waargenomen.” (PHR van Houwelingen 2 Petrus/Judas p. 45,46)
Ook hier geldt dat de Schrift niet volgens eigen menselijke ideeën mag worden uitgelegd. De Schrift moet juist omdat het werk van de Heilige Geest is volgens haar eigen regels uitgelegd worden. Geen eigenmachtige uitlegging volgens onze ideeën die we dan ookzomaar weer voor beter kunnen geven. Zo’n omgang met de Schrift doet geen recht aan de Schrift als het Woord van de Geest.
Ben ik tegen deskundigen? Op geen enkele manier. Als die deskundigen zich dan maar wel houden aan de grenzen die de Schrift zelf stelt. Daarin ligt dan ook dat zinnige argument om niet volgens de normen van de vertelconventies van het Oude Nabije Oosten, als we die al met zekerheid kunnen vaststellen, de Bijbel te lezen. Het gaat erom dat je de Bijbel neemt zoals de Geest die gegeven heeft. Dat heeft echt niets te maken met westers lezen van de Bijbel. Dat heeft wel te maken met de Schrift lezen zoals de HERE die als Zijn getuigenis gegeven heeft. Hij vertelt ons zelf wat een getuigen is. Die is betrouwbaar in de feiten die hij vertelt! Zie o.a. Leviticus 5.

-> Schriftkritiek?->

Het lijkt erop dat Kwakkel en Hempenius zich er vooral aan stoten dat ik geschreven heb dat het hier toch om Schriftkritiek gaat. Dat heb ik zo ook geschreven maar ik heb er ook bij gezet dat ik ervan overtuigd ben dat hij niet Schriftkritisch wil zijn.
Als ik lees wat zowel Hempenius als Kwakkel hierover schrijven kan ik het niet anders zien dan dat zij de weg voor Schriftkritiek in de Gereformeerde Kerken wagenwijd openzetten. Ik ga er weer vanuit dat zoals ik deze broeders ken ze het zo niet bedoelen. Maar als ik lees wat ze schrijven is dat wel het gevolg.
Professor Kwakkel schrijft hierover: “De deskundigen zelf moeten zich verantwoorden, hun materiaal zo open mogelijk op tafel leggen en zich laten corrigeren. Zij moeten hun best doen om de teksten zo goed mogelijk te begrijpen, met inzet van alle mogelijke middelen. Zolang zij daar serieus mee bezig zijn, is de kwalificatie 'Schriftkritiek' niet op z’n plaats.”
Het meest opvallende in dit citaat is voor mij dat Schriftkritiek een helemaal subjectief begrip wordt. Als iemand niet bedoelt om kritiek op de Bijbel te hebben mag je het niet zo noemen. Het woord krijgt zo een heel andere betekenis dan de manier waarop tot voor kort onder ons gebruikt werd. Het gaat niet meer om feitelijke kritiek op de Schrift maar alleen om opzettelijk bedoelde kritiek op de Bijbel. laten we eerlijk zijn dat dit een andere manier van spreken is dan dat we dat bij o.a. Kuyper, Schilder, J. Kamphuis en C. Trimp tegenkomen. Ook anders dan rond 1926 in het geding om dr Geelkerken. De synode spreekt in haar Open brief over Schriftkritiek als het om Geelkerken gaat terwijl Geelkerken echt geen kritiek op de Bijbel wilde hebben.
Voor mij is Schriftkritiek o.a. als iemand feiten in de Bijbel betwijfelt die in de Schrift als feiten gepresenteerd worden.
Als je schrijft zoals prof Kwakkel moeten 1926 gauw herroepen, moeten we excuses aanbieden aan de toen synodaal Gereformeerde kerken voor onze kritiek op het rapport: “God met ons.” Dan kunnen er in de kerken door zogenaamde deskundigen allerlei luchtballonnetjes opgelaten worden, terwijl de Schrift om diep eerbiedige omgang vraagt, waarbij de Schrift haar eigen uitlegster is.
Collega Hempenius schrijft: “Wat is een feit? De tekst die voor ons ligt, is een feit. Het is een feit dat de Amorieten verslagen zijn en dat Jozua gebeden heeft tot de HEER. Ik twijfel niet aan zijn woorden: “Zon, sta stil boven Gibeon, maan, blijf staan boven de vlakte van Ajjelon.” Bedoelde Jozua letterlijk dat de zon stil bleef staan ofwel de verlenging van de dag. Of bedoelde hij: HEER, geef ons genoeg tijd om onze vijanden te verslaan? En hij kreeg die tijd.”
Dit lijken heel westerse redeneringen! De bijbel wordt zo een ideeënboek. Als je bepaalde ideeën of gedachten maar volgt, dan kun je de rest als een soort aankleding zien. Dat terwijl er in de Schrift zelf geen enkele aanwijzing is om zo de Schrift te lezen. De tekst is niet alleen een feit maar ook de feiten die in de tekst ons worden meegedeeld. Het zijn de feiten die de Geest ons vertelt. Het is de Here God die zelf volledig betrouwbaar is, die door Zijn Geest ervoor zorgt, dat mensen Zijn volledig betrouwbare Woord ook in de feiten die verteld worden, geven. Als de tekst als tekst een feit is en wij zelf kunnen bepalen dat wat er over zon en maan gezegd wordt geen feiten zijn, staan we open voor elke menselijke interpretatie van die tekst. Dat terwijl de Geest zelf zegt dat Hij niet wil dat mensen een eigenmachtige interpretatie van Gods Woord geven.
Dan is geschiedenis veel meer dan het vertellen van de feiten. Geschiedenis is méér dan het vertellen van indrukken van mensen; meer dan beschrijven van wat zij meemaken. De beschrijving van de bijbelse geschiedenis vertelt ons met betrouwbare woorden werkelijke feiten die God heeft gedaan voor zijn volk. Juist in de feiten in de geschiedenis die de Geest ons vertelt in de Bijbel klinkt de boodschap van God. Daarin ontmaskert Hij ons als zondaars en de duivel als Zijn grote tegenstander. Daarin laat Hij ons de weg van de verlossing door Christus zien en Zijn geweldige belofte voor de toekomst. Daarin laat Hij zien wie Hij is en wat Hij gedaan heeft en gaat doen. Dan klinkt juist in die feiten de boodschap en het werk van God. Dat is niet naïef westers maar kinderlijk gelovig omgaan met het Woord dat Vader ons gegeven heeft.
Israel leefde niet op Paaseiland maar de Geest zorgde er wel voor dat Zijn Woord het voluit betrouwbare Woord bleef. Dat eventuele vertelconventies uit die tijd en omgeving dat Woord niet tot fabels en mythe kon maken. De Bijbel is gelukkig niet het boek van Israel maar het boek van de Geest. Het levende Woord van God!


Ds Rob Visser




-> Wat hieronder volgt is het laatste deel van een lezing die ik in 2006 gehouden heb. Daarom zie je punt 3. Dit was het derde voorbeeld van een nieuw soort Bijbellezen dat bepleit wordt.

3. David en Goliath->


Het ruimte vragen voor een uitleg die losgemaakt wordt van hoe de Bijbel zich presenteert, zie je bijvoorbeeld in wat Koert van Bekkum, nu adjunct hoofdredacteur van het ND, enkele jaren geleden over geschiedenis van David en Goliath schreef.
We zien onder ons een bepaalde invloed van de Amerikaanse Oud-Testamenticus VP Long. Zowel in Woord op Schrift als in een artikel van Koert van Bekkum zien we dat Long in het gedachtenproces over het Schriftverstaan als een belangrijke theoloog gezien wordt. Wat zijn heel kort gezegd de gedachten van deze VP Long als het gaat om het omgaan met geschiedenis in de Bijbel?
Hij meent dat je trapsgewijs naar een tekst moet kijken. Je moet in de volgende volgorde je vragen stellen:
Wat is de boodschap van deze geschiedenis. Wat is de eigenlijke bewering die de schrijver hier wil doen? Hij ziet het verhaal in de Bijbel als een kunstwerk dat zijn eigen boodschap wil uitdragen.
Pas als de boodschap vastgesteld is, komt de vraag hoe je als lezer over de bewering die in de tekst gedaan wordt denkt. Klopt wat hier geschreven wordt met wat we in andere wetenschappen bijvoorbeeld de archeologie gevonden hebben.
Een groot voordeel van deze benadering zou zijn dat er ruimte is om te gaan kijken of de beschrijving van de geschiedenis toen niet volgens andere regels gebeurde als in onze tijd. Dit past Koert van Bekkum dan toe op de geschiedenis van David en Goliath.
Dan schrijft van Bekkum over deze geschiedenis het volgende: “Een voorbeeld daarvan is de exegetische problematiek rond het gevecht tussen David en Goliath in 1 Sam 17. De vermelding in 2 Samuel 21:19 van het feit dat Davids held Elhanan Goliath ombracht heeft tal van pennen in beweging gebracht. Goliath kan immers maar een keer zijn gedood. Daarnaast wekt het gegeven dat saul in het verhaal zegt David niet te kennen verwondering. David is immers al eerder bij Saul aan het hof geweest. Vaak heeft dit tot de – Bijbelkritische – conclusie geleid dat 1 Sam 17 een verzonnen verhaal is dat David ten onrechte ophemelt. Vanuit de waarneming dat overwinningen van generaals of helden in het Oude Nabije Oosten vaker aan de (latere) koning worden toegeschreven, ontstaat echter een andere mogelijkheid. Zou dit ook hier het geval kunnen zijn? Het verhaal is dan niet letterlijk zo gebeurd, maar wordt wel in geestelijke en historische zin exemplarisch voor Davids strijd met de Filistijnen. Deze ongelijke strijd staat immers tegen de achtergrond van de grote tegenstelling tussen de besnedenen en onbesnedenen en kan alleen worden gewonnen, omdat God David helpt. Hij is immers de man naar Gods hart die niet accepteert dat Zijn naam gelasterd wordt. Natuurlijk moet nader onderzoek uitwijzen of deze oplossing exegetisch houdbaar is. Maar binnen het model van Long is dit – ook voor een gereformeerde theoloog – een te overwegen optie, omdat ze het mogelijk maakt de integriteit van het verhaal niet aan te tasten en de historische claim ervan te respecteren.”
De vraag is of wat hier gezegd wordt voor een gereformeerde theoloog een te overwegen optie is? Als je de Schrift in zijn algemeen laat spreken en ook als je let op 1 Sam 17 is dit voor een gereformeerde theoloog geen optie. Waarom niet? Ik geef een aantal redenen zonder om volledig te zijn.
Algemene redenen:
1. Er is geen enkele aanwijzing uit de Schrift dat we zo met verhalen in de Bijbel mogen omgaan. De HERE zelf legt in de Bijbel juist nadruk op het getuigenis karakter van Zijn Woord. Dat betekent dat wat zich als historisch presenteert ook volledig betrouwbaar is ook in de feiten die meegedeeld worden. In de Bijbel is een betrouwbare getuige iemand die de feiten weergeeft! Kijk o.a. Lev 5:11
2. Dat wat als historisch in de Bijbel naar voren komt is volledig betrouwbaar, is anders dan de geschiedschrijving zoals we dat uit die tijd bij andere volken vinden. Die betrouwbaarheid vindt de Heilige Geest als schrijver van de Bijbel zo belangrijk dat Hij Petrus tegen ons laat zeggen: “Want wij zijn geen vernuftig gevonden verdichtsels nagevolgd, toen wij u de kracht en de en de komst van onze Here Jezus Christus hebben verkondigd, maar wij zijn ooggetuigen geweest van zijn majesteit …… en wij achten het profetische Woord daarom des te vaster, en u doet wel, er acht op te geven als een lamp, die schijnt in een duistere plaats, totdat de dag aanbreekt en de morgenster opgaat in uw harten.”
3. Wij beperken de betekenis van Gods daden in de geschiedenis als we zonder een aanwijzing uit Gods Woord bepalen of een bepaald gedeelte een fabel of een gelijkenis is. We beperken de betekenis van Gods daden volgens eigen inzicht als we de geschiedenis die verteld wordt zo gaan opvatten dat het die boodschap of dat leerpunt aan ons wil verduidelijken. Juist in de geschiedenis, in de daden van God laat Hij zich in zo’n rijkdom zien en zien we zoveel van Hem dat het niet zo is dat mensen de geschiedenis zo geselecteerd hebben of zelf gemanipuleerd hebben om een bepaalde boodschap van of over God uit te dragen. Je mag de boodschap en de betrouwbaarheid van de geschiedenis die verteld wordt niet van elkaar losmaken. De geschiedenis is vol van Gods majesteit en dat is vaak veel meer dan de boodschap die wij er op een bepaald moment uithalen. Ook van de geschiedenisbeschrijving geldt wat we in Psalm 12 lezen: “De woorden van de HERE zijn zuivere woorden, gedegen zilver, in een smeltoven in de aarde zevenvoudig gelouterd.” Vs 7
4. De Schrift is haar eigen uitlegster en wij hebben niet allerlei opties nodig die de Schrift zelf ons niet aanreikt om Gods Woord, het getuigenis van Christus te kunnen verstaan. Daarom belijden wij dat Gods Woord duidelijk is. Die duidelijkheid komt vanuit allerlei hermeneutische theorieën onder druk te staan. Onder druk te staan vanuit wat wij als boodschap zien in plaats dat we de HERE ook in de historische stof uit laten praten en wat de Geest beschrijft boven al het andere te plaatsen. Ook als het om de geschiedenis gaat en feiten in de geschiedenis gaat geldt wat wij in art 7 van de NGB belijden: “Men mag geen geschriften van mensen, hoe heilig de schrijvers ook geweest zijn, op een lijn stellen met de goddelijke Schriften, ook de gewoonte niet met Gods waarheid – want de waarheid gaat boven alles”.

-> Argumenten vanuit 1 Sam 17->

1. De Heilige Geest presenteert wat we in dit hoofdstuk lezen helemaal als historisch. Ook in het geheel van 1 Sam 17 is er geen enkele rede om dit hoofdstuk te zien als een verhaal dat een boodschap over David moet geven zonder dat David dit werkelijk gedaan heeft zoals het er staat.
2. Het is duidelijk dat over dit hoofdstuk veel meer te zeggen valt dan dat David besefte dat hij in de strijd tegen de onbesnedenen alleen met God hulp kon overwinnen. Laat ik een prachtig element uit deze geschiedenis noemen dat verloren gaat als wij vaststellen dat de boodschap van de tekst is dat David met Gods hulp de onbesnedenen overwint en daarmee uit. Het gaat er hier ook in de concrete geschiedenis om dat Goliath de machtige reus de HERE actief uitdaagt en bespot. Dat de HERE heel concreet voor de ogen van Zijn volk laat zien dat Hij de levende God is. Dat Hij als de Levende ook Zijn volk als Zijn oogappel beschermt.
We horen Goliat in vers 10 zeggen: “Ik tart heden de slagorden van Israel: geeft mij een man, dat wij samen strijden.” Het is dan David die in de kracht van Gods Geest laat horen hoe ernstig de situatie is als hij in vers 26 zegt: “Wie toch is deze onbesneden Filistijn, dat hij de slagorden van de levende God tart?”
Het gaat hier dus maar niet om een oorlog tussen twee volken. David spreekt in deze geschiedenis met de woorden de levende God ook de concrete grote angst onder het volk van God toen aan! Zie ook vers 24. Het volk dat in dienst staat van de levende God staat tegen een volk dat op zijn afgoden die niets zijn vertrouwt.
3. Het gaat er hier ook heel concreet over dat de HERE niet door een niet zo gebeurd verhaal maar in de concrete geschiedenis de nog maar kort geleden gezalfde David voorbereid op Zijn taak als koning. Hem naar voren laat treden in de kracht van de Geest en ook bemoedigt voor de weg die Hij nog moet gaan.
4. Bestaat er nu echt een probleem als je er aan denkt dat we in de Bijbel lezen dat David Goliat verslaat en dat we ook lezen dat Elhanan Goliat verslaat. Is dit werkelijk zo’n moeilijk probleem? Als we gewoon in vertrouwen op Gods eigen Woord rustig lezen wat er staat is het eigenlijk te gek voor woorden om hier van een serieus probleem te spreken. Wat is namelijk het geval?
We lezen in 1 Sam 17 dat David Goliat doodt terwijl Saul koning is. Saul blijft nog een hele tijd koning. We lezen ook dat in een concrete geschiedenis de priester Achimelek er aan herinnert dat David Goliat toen gedood heeft. Kijk 1 Sam 21:9.
Wanneer lezen we nu van Elhanan die Goliat verslaat? In 2 Sam 21:19. We lezen in 2 Sam 21 over Davids strijd tegen de Filistijnen toen hij koning was. Dat is dus vele jaren later. Als David al een hele tijd koning is en er weer een strijd met de Filistijnen is, lezen we: “Opnieuw was er strijd met de Filistijnen te Gob; en Elhanan, de zoon van Bethelehemiet Jaare-Oregim, versloeg de Gatiet Goliat, die een speer had met een schacht als een weversboom.” Vs 19.
Het gaat hier dus om een andere Filistijn uit Gat die ook de naam Goliat draagt. Daaraan is natuurlijk niets vreemds. Ook onder ons is het heel gewoon dat mensen dezelfde naam dragen en in verschillende tijden vooral als mensen uit dezelfde plaats komen door familiebanden dezelfde naam dragen. Gezonde exegese laat zien dat het hier om een andere Goliat gaat en dat toen een van Davids helden deze man verslagen heeft.

Ik ga afsluiten. Er zou nog veel te zeggen zijn maar toch denk ik dat de gegeven voorbeelden genoeg duidelijk maken dat er een sterke aandrang is om de duidelijkheid van de Schrift onder druk te zetten. Om vooral theorieën van buiten de Bijbel te gebruiken om de Bijbel anders te gaan lezen dan Gods Woord zich presenteert. Die druk is er ook in de Gereformeerde Kerken. Het is belangrijk dat we in de kerken dat nieuwe lezen van de Bijbel niet als een optie accepteren. Dat we niet toelaten dat op die manier het lezen van Gods duidelijke Woord geproblematiseerd wordt en zo het zicht op Christus en Zijn rijke Woord al meer in de mist komt te staan.
Het is zo belangrijk om niet aan die druk toe te geven. Dat is onze roeping. Dat kan alleen vanuit een levende band met Christus, een levende band met de levende God. Dat kan alleen als de Heilige Geest ons leert om vanuit kinderlijk vertrouwen de HERE te vertrouwen op Zijn Woord ook in de manier waarop wij de Bijbel lezen. Om Gods Woord ook haar eigen uitlegster te laten zijn en de wijsheid van dat Woord tot ons te nemen en eigen vooroordelen daarbij al meer aan de kant te leren zetten. Als we zo intensief met Gods Woord bezig zijn in de kerken hebben we geen hermeneutische achterstand al roept de wereld, ook de kerkelijke en theologische wereld dat we achterlopen. We lopen dan niet achter maar gaan het spoor van Christus. Het spoor waarop je door de Geest alleen in staat bent om Gods Woord als de hoogste wijsheid, als echt evangelie aan te nemen. Zo wil Christus het zien, laten we daaraan werken in de kerken. Dan blijven we het duidelijke geluid van Gods stem, van Zijn woorden als een heldere klaroenstoot horen. Dan is er zegen van onze Redder en God Jezus Christus te verwachten.



[ terug... ]Omhoog


Maak vrienden

Verkondig!



  • -> Want indien ik het evangelie verkondig, heb ik geen stof tot roemen. Immers, ik ben ertoe genoodzaakt. Want wee mij, indien ik het evangelie niet verkondig! 1 Korinthe 9:16->

Zusterwebsite

  • Zie voor korte dagelijkse meditaties en artikelen in Nederlands en Afrikaans de zusterwebsite: www.evangelie-voor-elke-dag.nl

VERSCHENEN

  • 21 januari 2013 Verschenen verklaring over Bijbelboek Daniel. In alle boekwinkels te bestellen. De gegevens zijn de volgende: God is trouw tot in de verste toekomst. Toepasselijke verklaring van het boek Daniel Rob Visser ISBN 9789081171090 136 pagina´s Van Berkum Graphics Zwaag Prijs: 12,50

VERSCHENEN

  • LEVEN ZONDER GOD IS ZINLOOS 14 MEI 2011 is een verklaring van het bijbelboek Prediker onder deze titel verschenen. Net als de verklaring van Hooglied is het een combinatie van een degelijke verklaring die ook het concrete leven van vandaag ter sprake brengt. Om zo te zien hoe goed en nodig een leven met God ook in de 21e eeuw is. -> ISBN 978-90-811710-8-3 Te koop in de boekhandel. Ook te bestellen bij: Van Berkum Graphics BV, telefoon 0229 23 80 97 e-mail: info@drukkerijvanberkum.nl Prijs 12,50->

ZOJUIST VERSCHENEN



  • -> ZOJUIST VERSCHENEN 11 SEPTEMBER 2009-> Ds Rob Visser VERKLARING VAN HOOGLIED ONDER DE TITEL: IK HOU ZO VAN JOU! Het is een verklaring waarin ik geprobeerd heb een degelijke verklaring te geven en de inhoud ook heel concreet op onze tijd toe te passen. De prijs wordt: 9,95 ISBN/EAN 978-90-811710-3-8 Zie op deze website ook: Bijbelboek Hooglied -> Te koop in de boekhandel. Ook te bestellen bij: Van Berkum Graphics BV, telefoon 0229 23 80 97 e-mail info@drukkerijvanberkum.nl ->

Nieuw boek: Lees maar

  • Zojuist verschenen! 11 oktober 2011 LEES MAAR 19,90 Uitdagingen voor gereformeerde theologie vandaag Bijdragen over bijbellezen en christelijk leven De laatste jaren is er in kerken die zich gereformeerd noemen veel veranderd. Opvattingen over de leer van de kerk, over historische bijbelgedeelten, over ethiek en tucht zijn geruisloos maar radicaal veranderd. Waardoor is dat gekomen? Waarom sterft de kritiek over die veranderingen zo gemakkelijk uit? Er wordt gezegd dat de kerk met haar tijd mee moet. Er wordt gezegd dat het uiten van kritiek de kerk schaadt. Er wordt gezegd dat het allemaal niet zo simpel is. En wie wil er nu een conservatieve scherpslijper zijn, die het beter weet dan mensen die er verstand van hebben? LEES MAAR wil laten zien dat we alleen in de Bijbel kunnen lezen hoe we met onze tijd, met elkaar en met de wereld moeten omgaan en dat echte wijsheid alleen in de Bijbel te vinden is. Het gaat over het lezen en toepassen van de heilige Schrift in deze tijd. LEES MAAR gaat in op veelgestelde vragen en drogredenen, zoals: - Leest niet iedereen de Bijbel vanuit zijn eigen vooronderstellingen? - Als wij de Bijbel samen met een gelovige intentie lezen, dan is dat toch van de heilige Geest? - Het is toch niet zo belangrijk voor ons persoonlijke geloof of alles precies zo gebeurd is zoals het er staat? - Is Jezus navolgen niet veel belangrijker dan het toepassen van geboden? - Houden we elkaar door de liefde niet veel beter vast dan door de tucht? De auteurs van LEES MAAR zijn L. Heres, C. Koster, ds. J.R. Visser, J.P.C. Vreugdenhil en H. Vreugdenhil-Busstra. Het voorwoord is geschreven door drs. L.J. Geluk. Het boek bevat tevens een bijdrage van dr. P. de Vries over de duidelijkheid van de Schrift.

Brede en smalle weg



  • -> ZIE ZONDE EN DE SMALLE WEG ->

VERSCHENEN

  • -> VERSCHENEN: HOE GOD ALLES MAAKTE->

    -> Van ds Rob Visser is er een boekje verschenen dat heel aktueel is. Hij geeft in dit boekje een uitgebreide uitleg van Genesis 1-3. In andere hoofdstukken gaat hij in op vragen of de dood er al was voor de zondeval, of Adam en Eva echt de voorouders van ons allemaal zijn en nog veel meer. ZIE OP MENU: NIEUW BOEK->

kinderdoop nodig?



  • -> Zie op menu->

CHRISTUS REGEERT

  • -> Christus regeert, Hij is de overwinnaar BELANGRIJKE OPMERKINGEN BIJ DE LEER VAN HET CHILIASME ->

    -> Zie Duizendjarig Rijk Openbaring 20 ->

Crematie

  • -> Verassen of begraven?->

    -> ZIE CREMATIE ->

NU VERSCHENEN

  • -> BELIJDENDE KERK BLIJVEN Ds HW van Egmond Ds HG Gunnink Ds PL Storm Ds JR Visser-> ’een kerk die leeft belijdt - een kerk die belijdt leeft’. Het is een bundeling van een aantal opstellen over de functie van de belijdenis van de kerk en de binding eraan. Dit boekje is uiterst actueel vanwege de ontwikkelingen in de kerken. Te koop in de boekhandel Ook te bestellen bij: Van Berkum Graphics BV, telefoon 0229 23 80 97 e-mail info@drukkerijvanberkum.nl ISBN 978 90 81171021 - 112 pagina’s € 13,50 (excl. verzendkosten) -> Nog steeds verkrijgbaar: Hoe God alles maakte, ds. Rob Visser - 56 pagina’s - € 9,95 De wereld, onze woning, dr. C. van der Waal - 128 pagina’s - € 12,95 nu voor € 9,95 ->

Bijbelboek Job

  • -> HOE LEZEN WIJ HET BIJBELBOEK JOB ->

    -> Zie bij menu Bijbelboek Job ->

Onvergeeflijke zonde



  • -> Over zonde tegen de Heilige Geest Zie Zonde vs Geest ->

Google Analytics Alternative Real Time Web Analytics Copyright 2002-2017