» Bijbelboek Hooglied
Foto -> BIJBELBOEK HOOGLIED
KENNISMAKING MET HET BOEK EN ZIJN SCHRIJVER

Deze pagina is helemaal vernieuwd. Er stonden twee preken over Hooglied op deze pagina. Je vindt hier nu een inleiding op Hooglied en een verklaring van hoofdstuk 1. In oktober 2009 is een verklaring van het hele boek Hooglied van mijn hand verschenen. Wat je hieronder leest zijn de eerste twee hoofdstukken van dat boek. De titel zal zijn: Ik hou zo van je!
Je kunt op de hoofdpagina het titelblad van het boek zien en de verdere gegevens over dit boek.

De plaats van het boek Hooglied in de Bijbel->


De inhoud van dit bijbelboek heeft mensen laten opkijken. Past zoiets wel in de Bijbel? In dat heilige boek. Hoe is het mogelijk dat de lichamelijke kant van de liefde tussen man en vrouw zo open in de Bijbel aandacht krijgt? Die verbazing, verlegenheid en soms zelfs ergernis heeft er mee te maken hoe mensen in bepaalde tijden zelf over seksualiteit denken.
Wanneer je naar de geschiedenis kijkt, zie je dat de manier waarop over seksualiteit gesproken wordt steeds weer verandert. Je kunt zeggen dat de waardering van seksualiteit schommelt tussen verwerping en verafgoding. Tussen afwijzing van seksueel genot tot hedonisme. Heel lang hebben de gedachten van Augustinus over seksualiteit een grote invloed in de kerk gehad. Augustinus heeft sterk negatief over het genieten van de seksualiteit gesproken. Het genieten daarvan was in zijn ogen zonde. Je ziet dat o.a. in het volgende citaat uit zijn boek De stad van God. Hij schrijft daar in XIV,16: “Wij zien nergens duidelijker de vernedering van de mens dan in het orgasme van de seksuele lust. Wanneer twee mensen seksuele gemeenschap hebben, eist hun lust immers het hele lichaam voor zich op. Niet alleen het uiterlijk maar ook het innerlijk. Het brengt de hele mens in beweging, omdat de hartstocht van de ziel zich met de begeerte van het lichaam verbindt en vermengt om voor dit genot te zorgen. Dit genot kan door geen ander lichamelijk genot overtroffen worden. Het is zo dat door het hoogtepunt hiervan de helderheid en het wakker zijn van ons denken bijna helemaal bedolven wordt.”
Prof. J.H. van Wijk komt na de bestudering van wat Augustinus over huwelijk en seksualiteit geschreven heeft tot de volgende conclusie: “Wie die seksuele begeerte (consupiscentia) in die huwelik tot werklikheid maak – buite voortplanting om – begaan ‘n sonde, maar dan (gelukkig) ‘n vergeefbare sonde. Die konsekwensie van hierdie standpunt is onvermydelik: die ideaal vir ouer egpare (d.w.s. na die periode van kinderverwekking) is ‘n lewe in onthouding.”
Prof. P.J. de Bruyn schrijft o.a. het volgende over de waardering van seksualiteit in de geschiedenis van de kerk: “Die monsterverbond tussen die Christendom en die heidendom in hulle stryd teen die sedelike verwildering in die Romeinse Ryk, het tot gevolg gehad dat daar van ongeveer die tweede eeu na Christus af ‘n antiseksuele tendens in die Christelike kerk ontstaan het. Dit het gelei tot die beskouing dat geslagsgemeenskap wesenlik sondig is, maar verskoonbaar as dit binne die huwelik plaasvind. Die siening bereik sy hoogtepunt in die Victorianisme met sy bykans algehele onderdrukking van die ingeskape seksuele drang by die mens.”
Wie vanuit een antiseksuele gedachtegang denkt, kan niet begrijpen dat God in Zijn Woord zo openlijk over de seksualiteit tussen man en vrouw spreekt. Toch maakt de heilige Geest ook buiten het boek Hooglied om duidelijk dat de seksualiteit tussen man en vrouw in het huwelijk een geschenk van God is. Ik noem nu twee gedeelten uit de Bijbel die dit duidelijk maken.
• Spreuken 5:15-20: “Drink water uit je eigen bekken,
ga naar de stromen van je eigen bron.
Je wilt toch niet dat ze de vrije loop krijgen
en de pleinen overstromen?
Ze zijn van jou, van jou alleen,
laat niemand anders ervan drinken.
Moge je bron gezegend zijn,
moge de geliefde van je jeugd je vreugde geven.
Ze is zo lieflijk als een hinde, bekoorlijk als een ree.
Ze laat je altijd van haar borsten drinken,
je kunt eindeloos verzinken in haar liefde.
Waarom, mijn zoon, zou je dan dwalen bij een lichtzinnige vrouw,
je vlijen aan de borsten van zo’n afgedwaalde?”
• Paulus kent in de kerken mensen die vanuit het leven met Christus het gewone leven gaan minachten. Het gewone leven zou minderwaardig zijn. Zijn reactie hierop is geïnspireerd door de heilige Geest: “Maar de Geest zegt nadrukkelijk dat in de eindtijd sommigen het geloof zullen verlaten, doordat ze luisteren naar dwaalgeesten en naar wat demonen hen leren. Ze worden hiertoe aangezet door huichelachtige leugenaars, die hun eigen geweten hebben dichtgeschroeid, die het huwelijk verbieden en hen dwingen tot onthouding van voedsel dat God geschapen heeft om door de gelovigen, die de waarheid kennen, onder dankzegging te worden gegeten. Alles wat God geschapen heeft is goed. Niets hoeft te worden verworpen als het onder dank wordt aangenomen, want het is geheiligd door het woord van God en door het gebed.” 1 Tim. 4:1-5
Het is belangrijk dat we ons door het Woord van God laten leren. Dat we eigen gevoelens en denkbeelden opgeven als we zien dat de heilige Geest het ons anders leert. Het Woord leert ons de echte wijsheid. Ook als het om de plaats van de seksualiteit in ons leven gaat. Het is niet nodig en ook niet goed om je aan het boek Hooglied te ergeren. We hebben dat open spreken over de seksualiteit juist nodig. Ook zeker in onze tijd. De Geest leert ons tegenover de platte manier van spreken over seksualiteit hoe we daarover teer en goed kunnen spreken, van generatie tot generatie. In de geschiedenis heeft verlegenheid over het boek Hooglied ertoe geleidt dat dit boek vooral allegorisch uitgelegd werd.

Is Hooglied een allegorie?

Een allegorie is geen gewone vergelijking. Een allegorie is een beeldspraak die heel ver uitgewerkt is. Het gaat dan eigenlijk niet om wat je leest, maar om de betekenis die achter deze woorden, die achter het verhaal ligt.
Een voorbeeld van een zuivere beeldspraak waar het niet om een weergave van feiten gaat is Jesaja 5:1,2: “Voor mijn geliefde wil ik zingen
het lied van mijn lief en zijn wijngaard.
Mijn geliefde had een wijngaard,
gelegen op vruchtbare grond.
Hij bewerkte de grond, haalde de stenen eruit
en plantte een edele druivensoort.
Hij bouwde er een wachttoren,
hakte ook een perskuip uit.
Hij verwachtte veel van zijn wijngaard,
maar die bracht slechts wrange druiven voort.”
Het gaat hier niet om een echte wijngaard, maar om het volk Israel dat God als Zijn volk geplant en verzorgd heeft. Hij heeft dat volk in het land Kanaän gebracht. Het land dat vloeit van melk en honing. Al heeft de HERE nog zo goed voor Zijn volk gezorgd, toch wil dit volk niet Zijn volk zijn en niet in Zijn dienst leven.
Een andere beeldspraak die breed uitgewerkt is, vinden we in Prediker 12:2-8. We lezen daar in beelden hoe de gebreken bij het stijgen van de leeftijd in het leven van mensen komen.
“ Voordat de zon verduistert,
de sterren en de maan niet langer stralen,
de lucht ook na de regen grauw van wolken wordt.
De dag waarop de wachter trillend voor het huis staat,
de soldaten kromgebogen voortgaan,
de maalsters langzaamaan verdwijnen,
de vrouwen uit het venster staren en een schaduw lijken.
Wanneer de deuren naar de straat worden gesloten,
de molen geen geluid meer maakt,
het fluiten van de vogels ijl van toon wordt,
wanneer hun lied versterft.
Je durft geen heuvel te beklimmen,
de weg is vol gevaar.
De amandelboom behoudt zijn wintertooi,
de sprinkhaan sleept zich voort,
de kapperbes droogt uit.
Een mens gaat naar zijn eeuwig huis,
een klaagzang vult de straat.
Voordat het zilverkoord wordt weggenomen,
de gouden lamp gebroken,
de waterkruik in stukken valt,
het scheprad bij de put wordt stukgebroken.
Wanneer het stof terugkeert naar de aarde,
weer wordt zoals het was,
wanneer de adem van het leven weer naar God gaat,
die het leven heeft gegeven.
Lucht en leegte, zegt Prediker,
alles is leegte. “

De vraag die ons nu bezighoudt is of Hooglied een allegorie is.

Wie het boek Hooglied leest, krijgt nergens in het boek een aanwijzing dat het hier om beeldspraak of om een allegorie gaat. We vinden in het boek wel beeldspraak. Vooral als bepaalde lichaamsdelen van man of vrouw met andere dingen vergeleken worden. Dan gaat het om vergelijkingen. Waarin de zaak waarmee iets vergeleken wordt het andere moet verduidelijken. Een voorbeeld van zo’n vergelijking vinden we in Hooglied 1:2. We lezen daar: “Jouw liefde is zoeter dan wijn”. Het zoeter dan wijn zegt iets over de liefde van de man. Het laat zien dat een vergelijking iets dat er feitelijk is verduidelijkt. Het gaat om de liefde van de man die er is.
Het Hooglied is vaak verklaard als een allegorie die op de liefde van Christus voor Zijn kerk en op de liefde van de kerk voor Christus wijst. Een voorbeeld daarvan vinden we in de Kanttekeningen bij de Statenvertaling.
Ik geef hier een paar voorbeelden uit de Kanttekeningen die de allegorische uitleg laten zien.

• De vrouw zegt in Hooglied 1:5 van zichzelf: “Meisjes van Jeruzalem,
donker ben ik, en mooi,
als de tenten van Kedar,
als het doek van Salomo’s tenten.”
De Kanttekening over het donker zijn van de vrouw is: “Versta hier bij de zwartheid de uiterlijke mismaaktheid van de staat der kerk, die veroorzaakt wordt door de tirannen en vervolgingen; idem, vanwege de ketterijen, scheuringen en ergernissen die haar overkomen.”
• De vrouw maakt in 1:6 duidelijk waarom ze zo bruin, zo donker is: “Kijk niet op mij neer omdat ik donker ben,
omdat de zon mij heeft gebrand.
Mijn moeders zonen waren hard voor mij:
ik moest hun wijngaarden bewaken.
Mijn eigen wijngaard heb ik niet bewaakt”
Volgens de Kanttekeningen moeten we de zon hier als de vervolgingen en de verdrukkingen die de kerk in de geschiedenis treffen verklaren.
• We lezen in hoofdstuk 4 dat de man de schoonheid van zijn vrouw beschrijft. Dan zegt hij in vers 5: “Je borsten zijn als kalfjes,
als de tweeling van een gazelle,
die tussen de lelies weidt.”
De Kanttekeningen daarbij zijn: “Versta hier bij de twee groote borsten die leeringen en vertroostingen, die in het Oude en nieuwe Testament te vinden zijn, waarmede de geloovigen gespijsd en gelaafd worden. Zie Jes. 66:11, en 1 Petrus 2:2. Anderen verstaan door de twee borsten der Bruid de bediening des Woord Gods en der heilige sacramenten, waarmede de schapen en lammeren van Christus als op een goede vetter weide gevoed worden.
Dat is, zij zijn beide schoon, vol, vast en elkander gelijkvormig. Alzoo zijn in alle manieren het Oude en Nieuwe Testament met het andere in alles accordeerende en overeenkomende.
Te weten, in vette en gezonde weide, beteekenende de goede en gezonde leer van de kerk. Zie Hooglied 5:13”

We vinden bij de uitleg van het boek Hooglied nog lang resten van een allegorische uitleg. Toch is het belangrijk om het boek Hooglied te laten zeggen wat we er lezen. Om de Geest ook op dit punt te laten uitspreken. Dat betekent dat we afscheid nemen van de allegorische uitleg zonder te vergeten wat de Geest in Efeze 5:29-32 laat schrijven. We lezen daar: “Niemand haat ooit zijn eigen lichaam, integendeel: men voedt en verzorgt het, zoals Christus de kerk, want dat is zijn lichaam en wij zijn de ledematen. ‘Daarom zal een man zijn vader en moeder verlaten en zich hechten aan zijn vrouw, en die twee zullen één lichaam zijn.’ Dit mysterie is groot – en ik betrek het op Christus en de kerk.”
De allegorische uitleg doet geen recht aan de manier waarop de heilige Geest het boek Hooglied aan ons gegeven heeft. Er is geen aanduiding dat dit boek als een allogorie gelezen moet worden. De allegorische uitleg houdt er geen rekening mee dat dit boek in een concrete historische situatie door de HERE aan Zijn volk gegeven is. Een situatie waarin koning Salomo juist op het punt van huwelijk en seksualiteit het verkeerde voorbeeld gaf.
Het boek Hooglied geeft juist, als het om de liefde gaat, weer de goede richting van de Geest aan. De allegorische uitleg heeft ook laten zien hoe iedereen dan zijn eigen uitleg van dit boek kan geven. De menselijke fantasie krijgt dan een erg grote plaats. Het is bijna niet mogelijk om dan te zeggen wat nog wel en wat niet meer als uitleg kan gelden. Juist uit eerbied voor de HERE en zijn Woord pleit ik ervoor om de allegorische uitleg van het Hooglied achter ons te laten. Om gewoon te lezen wat er staat en dat in het geheel van de Bijbel uit te leggen en op ons leven toe te passen.

Is het Hooglied een verzameling van losse liefdesliederen of een eenheid?

Een van de populaire theorieën in onze tijd over het boek Hooglied is dat het een aantal losse liefdesliederen bevat. Deze theorie is door J.G. Wetztein voor het eerst naar voren gebracht. Hij heeft dat gedaan vanuit de ontdekking dat tot nog niet lang geleden in Syrië bepaalde liefdesliederen bij bruiloften gezongen werden. Liefdesliederen waarbij bruid en bruidegom elkaar als koning en koningin aanspraken. Deze theorie zou dan de oplossing zijn voor de “doubletten en herhalingen” die in dit boek voorkomen. Als het Hooglied een verzameling van losse liefdesliederen is, verbaast het niet dat er herhalingen zijn. Maar als je het boek als een eenheid ziet, moet je daarvoor een goede verklaring hebben om toch de eenheid ervan vast te kunnen houden. Dan zijn gedeelten die alleen maar herhaling zijn niet zo makkelijk te verklaren.
Vanuit het geheel van het boek Hooglied meen ik dat we tekort aan dit boek doen als we het zien als een aantal losse liefdesliederen. Wie het boek Hooglied leest, vindt in het boek zelf geen aanwijzing dat het om losse liefdesliederen gaat. In de verklaring wil ik ook laten zien, dat je juist de rijkdom van Gods openbaring hier het beste eerbiedigt als je dit boek als een eenheid leest. Het boek Hooglied presenteert zichzelf als een eenheid. Dan zie je ook dat er geen sprake is van niets anders dan herhaling als bepaalde delen van dit boek veel op elkaar lijken. Dan ga je zien dat delen die veel op elkaar lijken antwoorden zijn op verschillende situaties en vragen.

De schrijver van Hooglied

Het Hooglied begint in onze vertaling met de woorden: “Hooglied, van Salomo.” Ik moet hier iets over de vertaling opmerken. In het Hebreeuws wordt het woordje le hier gebruikt. Dit woordje kan zowel met van als met voor vertaald worden. Wanneer we vertalen: “Hooglied, voor Salomo” gaat het niet meer over Salomo als schrijver van dit boek. Dan gaat het erom dat de Geest iemand anders geïnspireerd heeft om een boek te schrijven dat Salomo zelf juist nodig heeft, waarin er een heel belangrijke boodschap voor koning Salomo klinkt.
Als je het boek Hooglied leest, zie je dat Salomo een aantal keren rechtstreeks aangesproken wordt. De schrijver spreekt Salomo op zijn naam aan. Hij schrijft ook over zaken die bij Salomo horen. Zie 1:5; 3:7,9,11; 8:11,12. Deze dingen laten al zien dat het erg onwaarschijnlijk is dat Salomo zelf de schrijver van dit boek is. Een duidelijk voorbeeld vinden we in 8:11,12. We lezen in vers 11: “Salomo bezat een wijngaard in Baäl-Hamon.
Hij stelde er bewakers aan,
duizend sjekel zilver gaf men voor de oogst.”
Het gaat hier over de vele vrouwen die bij de harem van Salomo horen. Als je naar zijn harem kijkt, lijkt het alsof Salomo zo rijk is. Hij wordt omringd door heel veel mooie vrouwen. Daartegenover zegt de man van Hooglied dan van zijn vrouw, van zijn enige vrouw: “Mijn eigen wijngaard blijft van mij.
De duizend sjekel zilver is voor jou, Salomo,
en tweehonderd voor de bewakers.” 8:12
Salomo is in het boek Hooglied niet zelf aan het woord. Dat is anders met het boek Prediker en de meeste Spreuken.
De heilige Geest laat in het boek Hooglied zien hoe een leven in liefde tussen man en vrouw volgens Gods bedoeling hoort te zijn. Dat Hij met Zijn Geest kracht wil geven om zo als man en vrouw in liefde met elkaar te leven. Om je steeds weer aan het boek Hooglied te spiegelen om biddend samen in die liefde te groeien. In het Hebreeuws is de naam van dit boek letterlijk: Het lied van de liederen. Dus het mooiste lied.
Het lied waarin we zien hoe we het leven in liefde als man en vrouw onder de regering van de Verlosser Jezus Christus mogen leven en beleven. De Geest laat ons hier zien hoe de omgang tussen man en vrouw in Christus’ kerk, in Zijn Koninkrijk hoort te zijn. Dan ga je zien hoe belangrijk dit boek ook is voor mensen die niet getrouwd of niet meer getrouwd zijn. We hebben elkaar als getrouwd en ongetrouwd in de gemeenschap van de heiligen hart nodig. Als een ongetrouwde broeder of zuster te maken krijgt met mensen die problemen in hun huwelijk of met seksualiteit hebben, is het belangrijk dat ook mijn ongetrouwde broeder of zuster mij de weg van Christus kan wijzen. Vanuit Gods eigen Woord. Ook vanuit het boek Hooglied. De Geest rust ons toe in het boek Hooglied om elkaar op het gebied van liefde, seksualiteit en huwelijk te kunnen helpen, en de weg van Christus te wijzen.
Salomo heeft dat heel erg nodig gehad in zijn leven. We zien dat duidelijk in 1 Kon. 11:1-4: “Koning Salomo beminde vele buitenlandse vrouwen: behalve de dochter van de farao beminde hij ook vrouwen uit Moab, Ammon, Edom en Sidon, en Hethitische vrouwen. Ze waren afkomstig uit de volken waarover de HEER tegen de Israëlieten had gezegd: ‘Jullie mogen je niet met hen inlaten en zij mogen zich niet met jullie inlaten, anders zullen zij jullie ertoe verleiden hun goden te gaan dienen.’ Juist tot die vrouwen voelde Salomo zich aangetrokken. Hij had zevenhonderd hoofdvrouwen en driehonderd bijvrouwen, en deze vrouwen maakten hem ontrouw: op zijn oude dag verleidden zij hem ertoe andere goden te gaan dienen en was hij de HEER, zijn God, niet meer met hart en ziel toegedaan zoals zijn vader David dat was geweest.”
Je ziet dat Salomo het boek Hooglied nodig had om weer te zien wat ware liefde tussen man en vrouw is. Hij had het vermaan van de HERE op dit punt heel erg nodig. Dat kwam in het boek Hooglied duidelijk naar hem toe. Ook het volk had het boek Hooglied heel erg nodig. Zij moesten heel duidelijk zien dat de HERE niet wil dat ze het voorbeeld van Salomo gingen volgen. Het boek Hooglied laat ons de wil van God zien en hoe heerlijk het is om volgens die wil te leven. Hoe goed dat het leven als man en vrouw maakt. Daarvoor heb je geen tweede vrouw of man nodig. De liefde van en voor je eigen man of vrouw vult dan je leven en daarbij doet een derde alleen maar schade.

Zijn de man en vrouw in het Hooglied getrouwd?

Als je dit boek doorleest komt de vraag op of de vrouw en de man in Hooglied vanaf het begin van dit boek al getrouwd zijn. Als je weet wat Gods norm vanuit de rest van de Bijbel voor de beleving van de seksualiteit is, kan het niet anders dan dat man en vrouw in Hooglied vanaf het begin getrouwd zijn.
De norm voor de beleving van de seksuele gemeenschap, voor het elkaar volledig lichamelijk kennen, is dat een jongen en een meisje dat na hun trouwen in het huwelijk beleven. De HERE heeft de seksuele gemeenschap gegeven om in het huwelijk te beleven. In het huwelijk mogen man en vrouw elkaar seksueel naar het hoogtepunt leiden. Dit samen beleven en daarvan genieten.
Maar mag dat dan niet in de tijd dat je verkering hebt? Als je nog niet getrouwd bent, maar er wel van overtuigd bent dat je samen verder gaat. Het antwoord van de HERE op die vraag is duidelijk. Hij gaat ervan uit dat je voor je huwelijk niet tot seksuele gemeenschap komt. Belangrijke aanwijzingen daarvoor zijn:

• We lezen in Deuteronomium 22:13-21 dat de HERE het ernstig opneemt als de vrouw niet als maagd het huwelijk ingaat. Ook op andere plaatsen in de Bijbel lezen we dit. We lezen in Hooglied 8: “Wij hebben een zusje,
borsten heeft ze nog niet.
Wat doen we met ons zusje
als de mensen over haar gaan spreken?
Was zij een muur,
dan bouwden wij er zilveren kantelen op.
Was zij een deur,
dan sloten wij die met een balk van cederhout.
Ik ben een muur,
mijn borsten zijn als torens.
Zo ben ik in zijn ogen als een stad
die vrede biedt. “
De vrouw in het Hooglied heeft tot de tijd van haar huwelijk geen seksuele gemeenschap met een man gehad. Haar broers prijzen haar daarom. Zij willen haar ook helpen om zo te leven.
• Paulus gaat ervan uit dat de seksuele gemeenschap een geschenk van God is dat de HERE voor het huwelijk gereserveerd heeft. Dat zie je als hij over mensen schrijft die een sterk verlangen naar seksuele gemeenschap kennen. Mensen in de gemeente die zich heel moeilijk op dit punt kunnen beheersen. Hij schrijft dan: “Maar wanneer ze dat niet kunnen opbrengen, moeten ze trouwen, want het is beter te trouwen dan te branden van begeerte.” 1 Kor 7:9. Paulus laat zien dat de beleving van de seksuele gemeenschap in het huwelijk thuishoort.
• De HERE wijst al vanaf het paradijs deze weg. De Geest laat zien wat de HERE vanuit het paradijs gegeven heeft: “Zo komt het dat een man zich losmaakt van zijn vader en moeder en zich hecht aan zijn vrouw, met wie hij één van lichaam wordt.” Gen 2:24. Nadat man en vrouw officieel aan elkaar verbonden zijn, is de tijd gekomen om ook seksueel de volledige eenheid te beleven.
• Het ontbloten van de geslachtdelen van een ander vanuit seksuele aantrekkingskracht is iets dat alleen in het huwelijk tussen man en vrouw mag plaatsvinden. We lezen in Leviticus 18 dat dit in andere verhoudingen verboden is.

Wanneer we het boek Hooglied lezen en zien hoe intiem de man en de vrouw daar met elkaar omgaan, kan het niet anders dan dat ze getrouwd zijn.
We lezen o.a. dat ze samen een bed delen (3:1 en ook 1:16) en dat ze in hetzelfde huis wonen (2:9). Als je erop let hoe intiem de man en vrouw in Hooglied elkaars lichamen kennen, kan het volgens de norm van Gods Woord niet anders dan dat het hier om een getrouwde man en vrouw gaat.

Hooglied geeft antwoord op verschillende vragen

Ik kom nog even terug op de herhalingen in Hooglied. Als je bij hoofdstuk 5:10 gekomen bent, lees je eerst hoe de vrouw het lichaam van haar man bezingt, daarna is het de man die het lichaam van zijn geliefde vol bewondering beschrijft. Als je dat leest kan de gedachte opkomen dat dit alleen herhaling is van wat je al eerder in Hooglied gelezen hebt. Toch is de lof op elkaar, ook lichamelijk geen blote herhaling. Het staat dan namelijk in een ander kader. Het staat dan in het kader van antwoord op kritische vragen van andere mensen.
Wat we in 5:10-16 lezen, is antwoord op de vraag die in vers 9 gesteld wordt: “Wat heeft jouw lief meer dan een ander,
mooiste van alle vrouwen?
Wat heeft jouw lief meer dan een ander,
dat je ons dit zo bezweert?”
In 5:8 is er een nieuw gedeelte begonnen dat wel aansluit bij wat de vrouw daarvoor gedroomd heeft. Maar het gaat dan weer verder in de werkelijkheid. De vrouw heeft gedroomd dat haar man in de nacht bij de deur stond. Toen ze hem wilde binnenlaten was hij er ineens niet meer. Zij gaat hem in de nacht in haar droom zoeken en wordt door de bewakers van de stad geslagen. Dat is het moment dat ze wakker wordt.
Als ze tot de werkelijkheid terugkeert, is haar man niet bij haar. We lezen dat hij naar zijn tuin gegaan is. Zie 6:2. Later zegt hij zelf dat hij naar zijn notengaard was. Zie 6:11. We krijgen de indruk dat de man voor een poosje weg was om in de tuin die ver van huis is te gaan werken. Zijn werkomstandigheden brengen met zich mee dat hij een tijd niet bij zijn vrouw kan zijn.
De vrouw vraagt dan aan de meisjes om tegen haar man te zeggen dat zij naar hem verlangt. Als een van hen hem daar ergens ontmoet moeten zij die boodschap overbrengen. De vrouw zelf kan niet naar haar man gaan, omdat ze de gewone dingen moet doen. Zij kan niet weg. Wel wordt duidelijk dat de tijd zonder haar man voor haar nu heel lang geworden is. Te lang voor haar gevoel.
Dan wordt in dat gesprek duidelijk dat de meisjes eigenlijk niet begrijpen waarom ze dit zouden moeten zeggen. Ze begrijpen ook niet waarom deze vrouw zich zo voelt. Dat ze hem nu zo mist.
Ze zien heel goed dat deze vrouw een knappe vrouw is. Een mooie vrouw. Juist daarom begrijpen ze niet waarom die man voor haar zo speciaal is. Waarom verlangt ze nu juist zo naar hem? Waarom zoekt deze mooie vrouw in zijn afwezigheid niet het gezelschap van andere mannen? Zij zullen haar gezelschap waarderen. Het is duidelijk dat deze meisjes, deze jonge vrouwen er niet aan gewend zijn dat man en vrouw in het huwelijk zo’n speciale band van liefde voor elkaar hebben. Zo’n band die niets anders in deze wereld kan vervangen.
Wat de vrouw in 5:10-16 zegt, is daarop haar antwoord. De heilige Geest laat juist dan in dit kader zien hoe haar man die ver weg is ook zo naar zijn vrouw verlangt. Zij is voor hem de enige met wie hij zo in liefde leeft. Zie 6:4-12.
Hij vertelt in 6:11 dat hij naar zijn tuin gegaan is. Als hij daar een tijd gewerkt heeft, wordt ook voor hem het verlangen naar zijn vrouw te groot. Het is nu echt lang genoeg geweest. Hij is voor zijn gevoel te lang bij haar weg. Het verlangen naar haar komt heel duidelijk naar voren in vers 12 als hij duidelijk maakt dat hij ineens besluit om terug te gaan. Zijn verlangen, zijn gevoel laat hem dan plotseling teruggaan.
Het gedeelte van 5:10-6:12 is dus antwoord op de kritische vraag in 5:9. Hier zie je dat het belangrijk is om nauwkeurig te lezen en vragen en kritische opmerkingen daarbij niet over te slaan. Een ander voorbeeld hiervan is hoofdstuk 7.
We lezen in 6:12 dat de man vanuit zijn notengaard weer naar huis gegaan is.
Het is belangrijk om te zien dat er in hoofdstuk 7 een nieuw tafereel getekend wordt. De vrouw wordt in het bijzijn van haar man nu door omstanders opgeroepen om haar lichamelijke schoonheid aan de mensen om haar heen te laten zien. In onze vertaling krijg je de indruk dat het alleen de meisjes zijn die haar daartoe oproepen. Het is niet nodig om het tot hen te beperken. Het is een groep omstanders die de vrouw oproept om haar lichamelijke schoonheid te showen. Zij willen zich daaraan vergapen en zich daardoor laten opwinden. Zij willen dat de vrouw hen zo vermaak geeft. We zien hier de typische vraag van de wereld. Een vraag die we in onze tijd heel goed kennen. Hoe vaak worden mensen in onze tijd niet op hun lichaam beoordeeld. Hoe vaak gebeurt het niet dat een film of een televisieprogramma juist op de prikkeling door mooie lichamen drijft! Dat trekt mensen! Vooral vrouwen moeten zo als consumptieartikel dienen. Hoofdstuk 7 is antwoord op de vraag en de oproep die in 7:1 klinkt. De vrouw laat zien dat ze aan deze vraag niet voldoet. Haar lichamelijke schoonheid laat ze alleen volledig aan haar man zien. De man laat horen dat het lichaam van zijn vrouw in haar volle schoonheid er alleen voor hem is. Zo wil Christus het ook! Man en vrouw mogen vanuit de liefde van Christus in het huwelijk helemaal van elkaar zijn. Ze mogen open en bloot met elkaar omgaan en daarvan voluit in liefde voor elkaar genieten.

Hooglied een feestrol

De broeders en zusters in het Oude Testament hebben het boek Hooglied in het openbaar gelezen. Het boek Hooglied werd niet op een of andere manier verborgen gehouden. Het was zelfs een van de feestrollen. Op een bepaald feest las een priester het hele boek Hooglied voor aan het volk. Dit gebeurde ieder jaar weer, op de vijfde dag van het paasfeest, of beter gezegd op de vijfde dag van het feest van de ongezuurde broden. Dit feest wees elk jaar weer op de verlossing door God uit het land Egypte. Gods volk dacht er dan aan dat de HERE Israel uit de macht van de wereldmacht gered had. Het gevolg van de bevrijding was dat het volk Israel een eigen land kreeg, het land Kanaan. Een land dat overvloeide van melk en honing. Het feest van de ongezuurde broden wees ook op het wegdoen van de zonden uit je leven. De zonde die de verhouding met de HERE en met de mensen om je heen stuk maakt.
Gods volk heeft juist op het feest waar ze aan Gods werk van verlossing dachten en het resultaat ervan het boek Hooglied gelezen en gehoord. Dat is ook voor ons van betekenis. Dat laat zien dat de verlossing door de HERE, de verlossing door het lijden van Christus, ook betekenis heeft voor de verhouding tussen man en vrouw op aarde. Gods redding door Christus, het werk van de heilige Geest, zorgt ook voor herstel in de verhouding tussen man en vrouw het heeft daarom ook grote betekenis voor het intieme leven van man en vrouw. Dit moet ook onder Gods volk en aan anderen verteld worden. Het Hooglied bezingt de heerlijke liefde die er onder de regering van Christus over je leven kan en moet zijn. Een prachtig resultaat van Christus´ verlossingswerk.

Waarom Hooglied in onze tijd zo’n belangrijk boek voor ons is

Het aantal seksuele prikkels dat in onze samenleving op ons afkomt, is heel groot. Niet alleen door de televisie of het internet, ook de radio, aanplakbiljetten, gesprekken en hoe mensen gekleed gaan laten seksuele prikkels op ons afkomen. In reclames worden deze prikkels veel gebruikt.
Wij leven in een samenleving die heel sterk op het seksuele en op het genot daarvan gericht is. Wij moeten in de kerk van Christus dan niet doen alsof wij niet in deze wereld leven. Als wij eerlijk naar onszelf kijken, zien we dat ook heel duidelijk. Dan zien we hoe de gerichtheid op de seksualiteit, op het daarvan zelf optimaal genieten ook onder ons huwelijken onder spanning zet. Hoe dat de omgang tussen de seksen in de gemeente van Christus beïnvloedt. Het maakt het voor mensen in de kerk soms heel moeilijk om zuiver op dit gebied te leven. Ook onder ons is het in deze samenleving heel moeilijk om geen losse seksuele contacten aan te gaan. Om als je verkering hebt ook op seksueel gebied heilig voor de HERE te leven. De jongeren groeien op in een maatschappij waar de seks voor het genot en niet als bekroning op een band van liefde en trouw in het huwelijk gezien wordt. Het landelijke onderzoek naar seksueel gedrag onder jongeren wijst dit heel duidelijk aan. De gemiddelde leeftijd waarop de eerste seksuele gemeenschap plaatsvindt, is 15,1 jaar. Om vanaf die leeftijd seksueel actief te zijn en met meerderen deze contacten te onderhouden, wordt door de meerderheid van de bevolking als gewoon gezien. Je maakt toch wat van je leven, je moet volop genieten van wat er te genieten valt.
Dat is de wereld waarin wij leven. Juist dan is het zo belangrijk om positief aandacht te geven aan de seksualiteit als cadeau van onze Schepper voor ons. Hij heeft zelfs een heel Bijbelboek gegeven waarin Hij openlijk over huwelijk en seksualiteit spreekt. Wij moeten die wijsheid van Gods Woord in de samenleving van vandaag niet negeren. Het Hooglied is een deel van Gods Woord. De HERE heeft dit boek gegeven om ook daaruit het evangelie te horen. Om te leren in teerheid, maar wel openlijk over de seksualiteit te spreken.









































HOOFDSTUK 2
HOOGLIED 1

1:1 Het Hooglied begint met de woorden: “Hooglied, van Salomo”. Ik pleit voor een andere vertaling. Deze: “Hooglied, voor Salomo.” De redenen daarvoor vind je in hoofdstuk 1.

1:2-4 Het is de vrouw die in vers 2 het woord neemt. Zij verlangt naar een zoen van haar man. Ik zeg het nog niet goed genoeg. Zij verlangt naar meerdere zoenen van hem. Zij ziet er naar uit dat zij hem tegen zich aan voelt. Dat hij haar vasthoudt en zoent. Zijn zoenen zijn het teken van zijn liefde voor haar. Zijn liefde is voor haar zoeter dan wijn. De HERE heeft ook de wijn aan de mens gegeven om daarvan te genieten. Mensen maken daarvan vaak op een verkeerde manier gebruik. Toch blijft het zo dat de HERE wijn gegeven heeft om daarmee het hart van de mens blij te maken. Ps. 104:15. De vrouw in Hooglied verlangt nog meer naar de liefde van haar man dan dat een mens van een glas wijn geniet.
Wij moeten er op letten dat de vrouw de liefde van haar man zoeter dan wijn noemt. Het gaat hier niet om de liefde en de zoenen die ze van haar ouders, familie of vrienden krijgt. De liefde tussen man en vrouw is anders dan de liefde en de genegenheid die je van andere mensen krijgt. Het betekent ook dat de liefde die je van je man of vrouw krijgt belangrijker voor jou moet zijn als de liefde van je familie en vrienden. Als het om liefde van mensen gaat, is het Gods bedoeling dat jij als je getrouwd bent je vooral op de liefde van jouw man of vrouw richt. We zien dan gebeuren wat volgens Gods eigen bevel moet gebeuren: “Daarom zal een man zijn vader en zijn moeder verlaten en zijn vrouw aanhangen en zij zullen tot een vlees worden.” Gen. 2:24.
De vrouw laat horen dat het bij haar man zijn voor haar heerlijk is. Zij wil hem zo graag bij zich hebben. Als zij zijn geur ruikt is het goed, zij weet dan dat hij dichtbij is. Zij vergelijkt die geur met “parfum”. Het gaat daarbij om olie die vol van geur is. Zijn geur is voor haar iets dat lekker en vertrouwd ruikt. Het is voor haar heerlijk. Het heeft er mee te maken hoe haar man is. Zij zegt van hem: “je naam is een kostbaar parfum.
Daarom houden de meisjes van jou.”
Deze woorden laten zien dat deze man vol van liefde in de wereld staat. Hij leeft echt in liefde met zijn vrouw en laat ook in zijn omgeving zien dat de ware liefde zijn leven beheerst. Het is juist daarom dat de jonge vrouwen die niet getrouwd zijn van hem houden. Hij is echt een heel sympathieke man, een man die liefde en warmte uitstraalt. Dat maakt hem aantrekkelijk. Het gaat er niet om dat hij zo knap is, of dat hij zich zo populair gedraagt. Het is niet zo dat hij probeert om bij de meisjes op te vallen of met hen te flirten. Het geheim van zijn leven is dat hij echt met de HERE wil leven. Je ziet in zijn leven de vruchten van de Geest. De mens die bij Christus en bij Zijn liefde zijn leven zoekt, zal door de Geest veranderd worden. Dan komt in zijn of haar leven wat we in Gal. 5:22-24 lezen: “Maar de vrucht van de Geest is liefde, vreugde en vrede, geduld, vriendelijkheid en goedheid, geloof, zachtmoedigheid en zelfbeheersing. Er is geen wet die daar iets tegen heeft. Wie Christus Jezus toebehoort, heeft zijn eigen natuur met alle hartstocht en begeerte aan het kruis geslagen.”
Het verlangen van de vrouw gaat nog verder. Zij wil dat haar geliefde haar meeneemt. Haar meeneemt het huis in. Naar een van de kamers van het huis waar niemand hen kan zien. Zij noemt haar man haar koning. Zij wil graag dat hij het initiatief neemt. Zij wil hem graag in liefde volgen, omdat zij zich bij hem veilig voelt. Dat is bij koning Salomo met zijn 1000 vrouwen heel anders. Als vrouw van Salomo weet je niet aan wie hij die dag zijn liefde zal geven, met wie hij die dag en nacht wil doorbrengen.
Zij zegt: “Laten we juichen en zingen om jou!
Laten we jouw liefde prijzen,
meer nog dan wijn.”
Het woordje we wijst op de vrouw en de jonge vrouwen zoals we daarvan in vers 3 lezen. De vrouw maakt aan de meisjes duidelijk hoe goed de liefde van haar man is. Zij roept hen op om hem daarvoor te prijzen, om blij te zijn met de liefde die hij in deze wereld uitstraalt. Deze man vol liefde en tederheid wordt door zijn vrouw op handen gedragen. Zij kan begrijpen dat anderen van haar man houden.
Als wij weer naar de eerste 4 verzen kijken, zien we dat de vrouw graag bij haar man wil zijn. Zo is het als Christus onze levens en ook ons huwelijk beheerst. Dan wil je als man en vrouw bij elkaar zijn. Dan kijk je als man of vrouw uit naar het moment dat de ander thuiskomt, en je weer bij elkaar bent. Als dat niet zo is, is het de HERE zelf die op een gebrek in je leven wijst. Dan is de liefde in jouw leven gaan kwijnen en is het nodig dat bij jou de liefde weer gaat groeien. Dan is het nodig om zelf of samen de knieën te buigen en de HERE te vragen om daarbij te helpen. Om jou daarvoor Zijn liefde en trouw te geven. Liefde is in het huwelijk ook een opdracht waarvoor je steeds weer Gods liefde en Geest nodig hebt.
Als je verkering hebt, is het nodig dat je samen in liefde naar elkaar toegroeit. Dat je op weg naar een huwelijk steeds weer samen je afvraagt of jullie graag bij elkaar zijn. Niet alleen om elkaar te zoenen en elkaar aan te raken, maar om alle dingen van je leven hoe langer hoe meer samen te doen en daarover samen te spreken. Als je merkt dat je vaak niet samen wilt zijn, als je altijd weer anderen opzoekt om maar niet samen te zijn en als je daarin niet groeit, is het beter om samen de weg naar het huwelijk niet te gaan. Juist omdat het huwelijk een afbeelding van de verhouding tussen Christus en Zijn gemeente hoort te zijn. Zie Efeze 5:32. Het verlangen van de vrouw naar de man laat ons zien hoe ook wij er naar moeten verlangen dat Christus bij ons is. Dat wij bij Hem willen zijn als onze grootste liefde, de Persoon bij wie we ons het meest veilig en geborgen weten. Gods volk ervaart in liefde dat de HERE de Man van Zijn volk is. Zie Jes. 54:5; Openb. 21:2. De gelovigen omhelzen hun God en Verlosser in liefde. De verhouding tussen Christus en Zijn kerk is een liefdesverhouding.
Elke keer wanneer je denkt of voelt: Het is nu maar beter dat de HERE mij niet ziet, of wanneer je denkt: Nu vergeet ik een poosje dat Christus er is, ben je op de verkeerde weg. Dan zijn we op een weg waarop wij niet van Gods liefde willen leven. Dan is bekering in ons leven, onze verkering, ons huwelijk nodig. Wie in geloof leeft, wil juist geen afstand van Christus nemen. Dan wil je Hem zo dicht mogelijk bij je hebben, steeds weer. Dan is het voor jou erg als je voelt dat God ver bij je weg is, omdat jij je eigen weg door het leven gaat. Je wilt juist de nabijheid van Christus in je leven. Dan ervaar je in liefde, door de Geest gegeven, dat Christus de Man van ons leven is. Dan luisteren we vol liefde naar deze oproep van de HERE: “Bewijs eer aan zijn zoon met een kus,
anders ontvlamt zijn woede, en uw weg loopt dood,
want bij het geringste ontsteekt hij in toorn.
Gelukkig wie schuilen bij hem” Ps. 2:12.

1:5,6 De vrouw die hier spreekt, lijkt anders dan anderen. Zij is bruiner dan de meeste vrouwen in haar omgeving. De meisjes en vrouwen die hun best doen om uiterlijk zo mooi mogelijk te zijn, mijden juist in die tijd de zon. Ze willen zo blank mogelijk zijn. Zij doen er alles aan om niet bruin te worden door de zon. Dat was het schoonheidsideaal van die tijd, heel anders dan nu bij ons. Toen was het zo: hoe witter hoe mooier. De vrouw die aan het woord is, is wat haar huidskleur betreft volgens de normen van die tijd dus niet mooi. Zij is door de zon zo verkleurd dat haar kleur aan de tenten van Kedar en de gordijnen van Salomo doet denken.

E We lezen in Gen 25:13 dat Kedar een zoon van Ismael was. Uit Kedar is een volk voortgekomen dat in tenten woonden. Zie psalm 120:5. Het is belangrijk om te bedenken dat in die tijd de tenten vooral van geiten en kameelhaar gemaakt werden. Het gevolg daarvan was dat de tenten meestal een bruine kleur hadden. Zij vergelijkt haar bruine kleur ook met de gordijnen van Salomo. Dat betekent dat het hier om gordijnen gaat die bij het volk bekend zijn.

Zij vertelt ook wat de oorzaak van haar donker-zijn, is. Zij heeft op het platteland gewoond en moest buiten werken. Zij vertelt dat haar broers hard voor haar waren. Zij moest in het gezin mee doen om brood op de plank te krijgen, haar broers ontzagen haar niet. Dat betekende dat zij vaak buiten in de zon moest staan, als het haar beurt was de wijngaarden te bewaken. De zon heeft haar bruingebrand.
Wanneer zij zegt dat zij haar eigen wijngaard niet bewaakt heeft, betekent dit dat zij haar uiterlijk niet op de eerste plaats gesteld heeft. Het dagelijkse werk dat zij moest doen was voor haar belangrijker dan dat zij er zo mooi mogelijk uit zou zien. Zij maakt duidelijk dat het uiterlijk voor haar niet het belangrijkste is. Een mooi uiterlijk volgens de mode van de tijd en de wereld beheerst haar leven niet. Wij worden ertoe geroepen om ons dagelijks werk te doen. Om steeds weer aan onze innerlijke schoonheid te werken. Die innerlijke schoonheid is leven in liefde voor de HERE en je naaste. Dan ben je mooi, dan ben je bekoorlijk. Deze jonge vrouw is bruingebrand, maar mooi.
Deze dingen zijn ook heel belangrijk als je naar iemand zoekt met wie je je leven wilt delen. Als je naar iemand zoekt met wie je als man of vrouw je leven wilt delen, is belangrijk wat de heilige Geest in Spr.11:22 zegt: “Schoonheid bij een vrouw zonder verstand
is een gouden ring in de snuit van een varken.” Het past voor een christen niet om te zeggen dat je alleen voor een knappe jongen of meisje gaat. Laat je niet door het mooie uiterlijk van een jongen of meisje verblinden. Laat je niet vangen door meisjes of jongens die er alles aan doen om lichamelijk op te vallen. Die er zo opvallend en uitdagend mogelijk proberen uit te zien. Het gaat erom dat je iemand vindt met wie je samen Christus liefhebt, met wie je samen in Christus kerk in de eenheid van het ware geloof leeft. Iemand die bij jou past en samen met jou in liefde Christus wil dienen is prachtig. Al is hij of zij uiterlijk niet knap. Dan bezing je die ander toch in liefde. Die ander van wie jij houdt is dan voor jou de mooiste omdat jij naar zijn hele persoonlijkheid kijkt.
Deze dingen zijn ook belangrijk als je getrouwd bent. Als je ouder wordt en het uiterlijk van de een of de ander duidelijk de sporen van het ouder worden vertoont. Als je jouw liefde op het uiterlijke gebouwd hebt, is het gevaar groot dat de liefde voor de ander begint te kwijnen. Dat je dan naar anderen gaat kijken en naar een ander verlangt die uiterlijk nog erg knap is. Zo mag het in de gemeente van Christus niet zijn. Het is echt zonde als bijvoorbeeld mannen daarover onderling schuine moppen vertellen. Het is een zondige dooddoener als dan gezegd wordt: dat doen mannen onder elkaar nu eenmaal. De Geest leert ons om elkaar in ware liefde lief te hebben. Daarbij speelt het uiterlijk dan geen beslissende rol meer. Dan willen we graag bij elkaar zijn.

1:7,8 De man van deze vrouw is herder. Terwijl hij nog bij haar is, vraagt zij waar hij met de kudde naartoe gaat. Zij wil weten waar hij die middag met de schapen is. Waar hij dan samen met de schapen rust. Zij vraagt dat niet zonder reden. Zij wil de plaats weten om dan weer bij haar man te kunnen zijn. Als zij niet weet waar hij is, kan het zijn dat zij hem niet vindt. Of dat zij bij de kuddes van zijn vrienden terecht komt. Dan kan zij niet in vrijheid en vertrouwen bij hem zijn. Dan moet ze daar op een afstand blijven staan. Daarop wijzen de woorden: “Laat me toch niet dwalend
langs de kudden van je vrienden gaan.”
Zelf geef ik hier de voorkeur aan de vertaling: “Laat mij toch niet als een gesluierde langs de kudden van je vrienden gaan.”


E Gesluierd/Dwalend
Je ziet in de NBV een aantekening staan bij vers 6. Bij dwalend wordt in de aantekening duidelijk gemaakt dat hier ook met gesluierd vertaald kan worden. Dat is wat belangrijke Hebreeuwse handschriften hebben. Het probleem is dat we letterlijk alleen lezen dat de vrouw zich in iets wikkelt zonder dat het woord sluier zelf gebruikt wordt. Toch lijkt het mij het meest waarschijnlijk dat we hier aan een sluier moeten denken.
De andere uitleg neemt het Hebreeuwse woord van een andere stam en komt daarom tot de vertaling van dwalen of rondzwerven. Het lijkt mij minder waarschijnlijk maar is niet onmogelijk.


Haar man vertelt waar hij die middag zal zijn. Hij noemt zijn vrouw de mooiste vrouw van allemaal. Zij moet komen bij de verblijven van de herders. Zij die voor een aantal geiten zorgt, zal hem daar vinden. Hij ziet er nu al naar uit om haar daar vanmiddag te zien. Het is heerlijk om zijn vrouw dan weer voor een poosje bij zich te hebben.
We zien hier hoe het in een huwelijk volgens Gods liefde hoort te zijn. Jij wilt bij de ander zijn. Het is voor jou niet fijn als de ander weggaat en zeker niet als het voor een paar dagen of nog langer is. Het is geen goed teken als je dan bij jezelf denkt: Lekker dat hij of zij een tijdje weg is. Nu heb ik tenminste mijn vrijheid en mijn rust. Dan is er iets in je
huwelijksleven niet goed. Dan moet je daarover samen praten. Dat ook in het gebed opnemen. Bidden om meer liefde voor elkaar. De liefde zoekt juist de ander en wil steeds zo dichtbij als mogelijk bij de ander zijn. Dan is het leven goed, dan voel je je niet gebonden, dan is bij elkaar zijn juist het beleven van echte, innige vrijheid.
Ouders zijn ertoe geroepen om dit ook aan hun kinderen voor te leven. Het is goed als onze kinderen zien dat vader en moeder van elkaar houden. Als ze horen, zien en voelen dat vader en moeder graag bij elkaar zijn. Dat zij het niet fijn vinden als ze ver uit elkaar zijn. Dat is deel van een christelijke opvoeding.
Dit is alleen mogelijk als wij in ons leven niet van Christus als ons Hoofd gescheiden willen zijn. Als we dicht bij Christus willen leven. Wie de liefde van Christus kent, voelt zich juist slecht als er afstand met de HERE in zijn of haar leven is. Dan wil je juist naar de HERE terugkeren en weer in de lichtkring van Zijn genade en liefde staan.

1:9-11 De man heeft aan zijn vrouw verteld waar zij hem tussen de middag kan vinden. Hij heeft haar toen de “de mooiste van alle vrouwen” genoemd. Hij heeft dat gezegd voordat hij met de kudde weggegaan is. Hij borduurt daar nu op verder. Hij bezingt haar schoonheid in de verzen 9-11. Hij doet dat op een manier die voor ons vreemd overkomt. Toch gebruiken ook geliefden bij ons onder elkaar woorden die een heel speciale betekenis krijgen. De een noemt de ander bijvoorbeeld schat of lieveling. Geliefden kunnen voor elkaar heel vertrouwelijke koosnaampjes hebben die hun bijzondere liefde voor elkaar uitdrukken.
De man vergelijkt zijn vrouw hier met “een merrie”. Hij vergelijkt haar met een merrie die door de Farao uitgekozen is om de Koninklijke wagens te trekken. Dat is de taak van de mooiste merries. Zij alleen mogen dat doen.
In de ogen van de man is zijn vrouw zo mooi. Dat betekent niet dat zij in de ogen van de wereld zo mooi is. Zij is voor hem zo mooi omdat hij op een bijzondere manier van haar houdt. Als hij naar haar gezicht kijkt, zijn haar wangen voor hem vertrouwd. Hij mag en kan ze aanraken alsof het zijn eigen lichaam is. Ze zijn voor hem mooi. Zij draagt ook sieraden en hij houdt daarvan. Hij belooft haar dat hij voor haar nog mooiere sieraden zal kopen. Hij gaat haar kostbare gouden sieraden met zilveren stipjes eraan of erop geven. Hij wil dat ze zo nog mooier gaat worden.
Nu kan de vraag opkomen of de dingen die de man hier zegt wel in overeenstemming met de rest van Gods Woord zijn. Wordt op andere plaatsen in de Bijbel niet heel sterk tegen sieraden en het dragen daarvan gewaarschuwd? Ik noem twee voorbeelden:
Jesaja 3:16-24: “De HEER zegt: Kijk eens hoe hooghartig die vrouwen van Sion zijn; zie hen verwaand flaneren en verleidelijke blikken om zich heen werpen, hoor het rinkelen bij de trippelpasjes die ze maken. Daarom zal de HEER Sions vrouwen de sluier afrukken en hun voorhoofd ontbloten. Op die dag neemt hij hen alle opschik af: hun enkelringen, zonnetjes en maantjes, hun oorringen, armbanden en sluiers, hun hoofddoeken, enkelkettinkjes, borstlinten, reukflesjes en amuletten, de ringen aan hun handen en de ringetjes door hun neus, hun prachtige kleren, mantels, omslagdoeken en tasjes, hun doorschijnende gewaden, hemdjes, schouderdoeken en sjaals. Dan zal er stank zijn in plaats van balsemgeur en zullen er touwen zijn in plaats van gordels; kale schedels en geen fraaie kapsels, grove rouwkledij en geen mooie feestgewaden. Dit alles vervangt de schoonheid.”
1 Petrus 3:3,4: “Uw schoonheid moet niet gelegen zijn in uiterlijkheden, zoals kunstig gevlochten haar, gouden sieraden of elegante kleding, maar in wat verborgen ligt in uw hart, in een zacht en stil gemoed. Dat is een onvergankelijk sieraad dat God kostbaar acht.”
Hoe is het nu mogelijk dat de man in Hooglied, die in liefde voor de HERE leeft, zijn vrouw belooft om haar meer sieraden te geven? Is het zo dat de HERE elke sieraad en elke manier van jezelf opmaken verbiedt?
We moeten er goed op letten waarover het gaat als Jesaja en Petrus de dingen schrijven die we net gelezen hebben. Het gaat in die gedeelten over vrouwen die door sieraden te dragen willen opvallen. Het gaat om vrouwen die op hun uiterlijk vertrouwen. Die daarmee op mannen en andere vrouwen indruk willen maken. Zij willen er zo uitdagend en aantrekkelijk mogelijk voor anderen uitzien. De wereld van rijkdom en glamour is hun grote voorbeeld. De uiterlijke schoonheid komt bij hen in de plaats van innerlijke schoonheid. Wie met Christus leeft, wie door de Geest van God beheerst wordt, leeft juist voor de ander. De vrouw die zo leeft, leeft niet voor haar uiterlijk. Dat is voor haar niet het belangrijkste. Zij leeft niet voor sieraden, maar als haar man aan haar een sieraad uit liefde geeft, zal ze het graag dragen. Zij draagt het graag om daarmee zijn liefde te waarderen. Zonder om voor uiterlijke schoonheid te leven en daardoor te willen opvallen. Zij wil voor haar man mooi zijn.
Het is hier ook goed om erop te letten wat we over de kerk van Christus lezen die vanuit de hemel op de nieuwe aarde neerdaalt: “Toen zag ik de heilige stad, het nieuwe Jeruzalem, uit de hemel neerdalen, bij God vandaan. Ze was als een bruid die zich mooi heeft gemaakt voor haar man en hem opwacht.” De kerk wordt ook de vrouw van het Lam genoemd. Zie Openb. 21:9.

E Gen 2:24 en die één lichaam worden in het huwelijk
De HERE heeft in het paradijs alles zo geleid dat Adam zelf ontdekt dat hij alleen is. Dat was ook het doel van Gods opdracht toen Adam de dieren namen moest gaan geven. Zie Gen 2:18-20. De HERE maakt uit één van Adam’s ribben Eva. De Here God doet dat terwijl Hij ervoor zorgt dat Adam in een diepe slaap raakt. Als Adam wakker wordt en zijn vrouw ziet is hij verrukt van blijdschap. Dan zingt hij van blijdschap het volgende lied : “‘Eindelijk een gelijk aan mij,
mijn eigen gebeente,
mijn eigen vlees,
één die zal heten: vrouw,
één uit een man gebouwd.’
Wanneer Adam dit lied gezongen heeft, lezen we in de Bijbel voor de eerste keer over seksualiteit. We lezen daarover in Gen 2:24. Dit vers is ook heel belangrijk voor de beoordeling van de plaats die seksualiteit in ons leven inneemt. We lezen daar: “Zo komt het dat een man zich losmaakt van zijn vader en moeder en zich hecht aan zijn vrouw, met wie hij één van lichaam wordt.”
De eerste exegetische vraag waarop we antwoord moeten geven is of we in vers 24 met woorden van Adam in het paradijs te maken hebben of dat het woorden van de geïnspireerde schrijver van het boek Genesis zijn.
Het meest natuurlijk lijkt mij dat dit woorden van de door de Geest geïnspireerde schrijver zijn. Belangrijke argumenten daarvoor zijn:
1. Vers 23 staat in de directe rede en vers 24 niet meer.
2. Vers 23 heeft een poëtische stijl en dat is niet zo in vers 24.
Als we op de inhoud van vers 24 letten, wordt duidelijk dat vers 23 en 24 wel onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. De eerste woorden: ‘al ken’ maken dit duidelijk. Die woorden verbinden vers 24 met vers 23. Juist omdat de HERE de vrouw met een bepaald doel geschapen heeft en Adam daarop in geloof antwoord geeft in vers 23, zal de man zich van zijn vader en moeder losmaken en zich aan zijn vrouw hechten.
We moeten ook op een tweede exegetische vraag antwoord geven. Dat is of we in vers 24 met een constatering te maken hebben of met de norm die God ons geeft. Het woord zo in vers 24 en de manier waarop Gen. 2:24 in de rest van de Bijbel gebruikt wordt, maakt duidelijk dat het hier niet om een constatering gaat. Het gaat hier om veel meer. We hebben hier een bevel van de HERE, dat voortkomt uit de orde die Hij in de schepping gelegd heeft. Het zijn de Here Jezus en Paulus die ons heel duidelijk maken dat het hier om een bevel van de HERE gaat.
De Here Jezus krijgt in Mattheus 19 met een strikvraag van de Farizeeën te maken. Zij vragen aan Hem of je om allerlei redenen van je vrouw mag scheiden. Jezus grijpt in zijn antwoord dan duidelijk terug op wat de heilige Geest ons in Gen. 1:27 en 2:24 leert. De Heiland zegt dan: “‘Hebt u niet gelezen dat de Schepper de mens bij het begin mannelijk en vrouwelijk heeft gemaakt?’ 5 En hij vervolgde: ‘Daarom zal een man zijn vader en moeder verlaten en zich hechten aan zijn vrouw, en die twee zullen één worden; ze zijn dan niet langer twee, maar één. Wat God heeft verbonden, mag een mens niet scheiden.’”
De Here Jezus gebruikt Gen 2:24 hier normatief. Het normatieve gebruik van Gen. 2:24 zien we ook in Markus 10:7,8; 1 Kor. 6:16 en Efeze 5:31. Het huwelijk moet volgens de goede norm van God geleefd worden. Dat betekent dat je je van je ouders losmaakt en je hecht aan je vrouw of man. We zien in Gen. 2:24 ook hoe de HERE laat zien dat de man de eerstverantwoordelijke is. Hij heeft Adam eerst geschapen en daarna Eva. Zo heeft Hij de man ook als de eerstverantwoordelijke tegenover Hem aangewezen. Zie ook 1Tim. 2:12,13. Zo is de man ook het hoofd van zijn vrouw in het huwelijk. Het is ook daarom dat het initiatief om zich van het ouderlijk huis los te maken van de man moet uit gaan .
De onthechting van vader en moeder moet gestalte krijgen. Het moet ertoe leiden dat de energie en de tijd die daardoor vrijkomt besteed wordt aan het hechten aan je eigen vrouw. Het verlaten van vader en moeder betekent niet dat de man dus niets meer met zijn vader en moeder te maken wil hebben. Nog altijd blijft voor hem het vijfde gebod gelden om vader en moeder te eren. Toch is zijn eerste verantwoordelijkheid en zijn eerste thuis niet meer vader en moeder maar het samen een levenseenheid vormen met zijn vrouw. Voor de HERE vormt hij een zelfstandige levenseenheid met zijn vrouw.
Het woord levenseenheid is belangrijk als we op het laatste deel van vers 24 letten: “met wie hij één van lichaam wordt.”
Als we alleen op vers 24 letten zijn er drie dingen die op de hechte en innige verhouding tussen man en vrouw wijzen:
• Het werkwoord hechten.
• We lezen hier niet dat de man zich aan een vrouw hecht. Nee, hij hecht zich aan zijn vrouw. Hier zien we meteen al Gods norm dat het huwelijk een bijzondere verhouding tussen 1 man en 1 vrouw hoort te zijn. We zien datzelfde in het Nieuwe Testament. Daar wordt op dit woord van God voortgebouwd.
Paulus laat zien dat elke man zijn eigen vrouw moet hebben en ieder vrouw haar eigen man. (1 Kor. 7:2) We vinden dit ook terug in Efeze 5. We lezen in de verzen 22-33 verschillende keren het meervoud mannen en vrouwen. Dan gaat het om mannen en vrouwen die ieder hun eigen man of vrouw hebben. Dat is heel duidelijk als we de verzen 28 en 33 lezen: “Zo moeten mannen hun vrouw liefhebben, als hun eigen lichaam. Wie zijn vrouw liefheeft, heeft zichzelf lief. .... Maar ook voor elk van u geldt dat ieder zijn vrouw moet liefhebben als zichzelf, en dat een vrouw ontzag moet hebben voor haar man.”
Een andere belangrijke tekst in het Nieuwe Testament in dit verband is 1 Timotheus 3:2,12. De Geest geeft daar door Paulus voorwaarden om ouderling of diaken te kunnen zijn. Zowel bij de voorwaarden voor ouderling als diaken lezen we: “Hij kan slechts de man van 1 vrouw zijn.”
• Man en vrouw horen in hun huwelijk één lichaam te zijn. Dat betekent dat er voor een derde geen plaats is. Hun eenheid sluit een derde uit. Een derde in die verhouding zou juist hun eenheid verbreken.

1:12-14 Het is voor de vrouw heerlijk om samen met haar man in een kamer te zijn. Hij is haar koning. Als zij samen zijn en hij op zijn rustbed ligt, gaat haar hart en haar leven open. Dan bloeit ze op. Dan is ze ook op haar mooist want dan voelt ze zich veilig. Dan verlangt zij naar zijn liefde. Zij wil hem niet op afstand houden. Hoe dichter hij bij haar is, hoe beter dit voor haar voelt. In die tijd bewaarde een vrouw iets wat kostbaar was onder haar kleren, tussen haar borsten. Die intieme plek was een van de veiligste plaatsen om iets te bewaren. Het is de plek waar geen ander mag kijken of voelen. Niemand heeft daar toegang behalve die ene: haar man. Hoe goed is het als hij daar met zijn hoofd bij haar rust en vrede vindt. Dan drukt zij hem zonder schaamte aan haar hart als de kostbare schat van haar leven. Hoe heerlijk is het als zijn warmte zich zo met die van haar vermengd. Dan voelt zij weer extra dat haar beminde voor haar zo belangrijk, zo mooi en zo kostbaar is. Zo mooi zoals de grote witte hennabloemen die juist in de wijngaarden van Engedi zo overvloedig te zien zijn.

1:15-17 Wanneer deze vrouw haar liefde zo laat zien en uitspreekt, reageert haar man daarop met liefde. Hij kan haar woorden niet onbeantwoord laten. Hij vertelt hoeveel hij van haar houdt. Hij zegt tegen haar dat ze heel mooi is. Haar schoonheid betreft haar hele persoon. Al is zij uiterlijk volgens de smaak van die tijd niet knap, toch is zij voor hem mooi. Het is ook goed en nodig om tegen elkaar te zeggen dat jij van de ander houdt. Dat jij zo blij bent dat de Here die ander in jouw leven gebracht heeft. Dat is niet iets dat alleen bij de eerste tijd van hevige verliefdheid hoort. De liefde is later anders dan in die eerste tijd van hevige verliefdheid. De liefde tussen twee geliefden wordt dan meer volwassen. Toch betekent dat niet dat de liefde verdwijnt. Het mag niet zo worden dat we langs elkaar heen gaan leven in ons huwelijk. Dat ons huwelijk eigenlijk niets anders is dan dat we samen in een huis wonen en van tijd tot tijd gemeenschap met elkaar hebben.
Liefde moet leven en blijven leven. Een van de dingen die daarbij heel belangrijk is, is dat je tegen de ander blijft zeggen dat je van hem of haar houdt Wij moeten onze liefde voor de ander niet diep in ons hart verstoppen.
Wij zien ook op dit punt dat het huwelijk een afbeelding is van de verhouding tussen Christus en Zijn gemeente. Tussen God en Zijn volk. Waar gaat het om in ons leven? Wat is het doel van de mens als beeld van God? Dat jij de HERE liefhebt. Dat jij echt van Zijn liefde wilt leven. Dat we de HERE loven en prijzen. Wie echt van Christus houdt, wie echt God lief heeft, heeft er ook geen moeite mee om Hem te prijzen en te loven. Zijn liefde is zo geweldig en zo onpeilbaar groot en ook zo goed dat het de lof op Hem opwekt. Gods kinderen kunnen daarvan niet zwijgen.
Zo hoort het ook in het huwelijk te zijn, dat vanuit de liefde van Christus gesloten is. Wij zien dat al in het paradijs. Wanneer de HERE voor Adam een hulp gemaakt heeft die bij hem past, bezingt Adam vol verwondering en dankbaarheid zijn Schepper: “Eindelijk één gelijk aan mij, mijn eigen gebeente, mijn eigen vlees, één die zal heten: vrouw, één uit een man gebouwd.” Gen. 2:23
Het is nodig dat we in het huwelijk de liefde tegenover elkaar blijven uitspreken. Zo prijzen we de HERE die deze man of vrouw aan mij gegeven heeft. Als gevolg van die uitgesproken liefde voor elkaar beleven man en vrouw dan de seksuele gemeenschap.

Het is duidelijk dat man en vrouw elkaar prijzen. De liefde brengt hen al dichter bij elkaar en zo gaan ze samen naar buiten. Ze verlaten hun huis en zoeken de vrijheid in de natuur. Ze maken een plaats in het groen van de natuur tot hun bed. Zij zoeken nu een plek waar ze helemaal alleen, helemaal vrij kunnen zijn. Een plek waar in de omgeving geen mensen zijn. Waar ze zich helemaal vrij voelen. Waar niemand hen zal roepen of storen. Ze zoeken een plaats waar ze helemaal in elkaar kunnen opgaan.

ds Rob Visser


[ terug... ]Omhoog


Maak vrienden

Verkondig!



  • -> Want indien ik het evangelie verkondig, heb ik geen stof tot roemen. Immers, ik ben ertoe genoodzaakt. Want wee mij, indien ik het evangelie niet verkondig! 1 Korinthe 9:16->

Zusterwebsite

  • Zie voor korte dagelijkse meditaties en artikelen in Nederlands en Afrikaans de zusterwebsite: www.evangelie-voor-elke-dag.nl

VERSCHENEN

  • 21 januari 2013 Verschenen verklaring over Bijbelboek Daniel. In alle boekwinkels te bestellen. De gegevens zijn de volgende: God is trouw tot in de verste toekomst. Toepasselijke verklaring van het boek Daniel Rob Visser ISBN 9789081171090 136 pagina´s Van Berkum Graphics Zwaag Prijs: 12,50

VERSCHENEN

  • LEVEN ZONDER GOD IS ZINLOOS 14 MEI 2011 is een verklaring van het bijbelboek Prediker onder deze titel verschenen. Net als de verklaring van Hooglied is het een combinatie van een degelijke verklaring die ook het concrete leven van vandaag ter sprake brengt. Om zo te zien hoe goed en nodig een leven met God ook in de 21e eeuw is. -> ISBN 978-90-811710-8-3 Te koop in de boekhandel. Ook te bestellen bij: Van Berkum Graphics BV, telefoon 0229 23 80 97 e-mail: info@drukkerijvanberkum.nl Prijs 12,50->

ZOJUIST VERSCHENEN



  • -> ZOJUIST VERSCHENEN 11 SEPTEMBER 2009-> Ds Rob Visser VERKLARING VAN HOOGLIED ONDER DE TITEL: IK HOU ZO VAN JOU! Het is een verklaring waarin ik geprobeerd heb een degelijke verklaring te geven en de inhoud ook heel concreet op onze tijd toe te passen. De prijs wordt: 9,95 ISBN/EAN 978-90-811710-3-8 Zie op deze website ook: Bijbelboek Hooglied -> Te koop in de boekhandel. Ook te bestellen bij: Van Berkum Graphics BV, telefoon 0229 23 80 97 e-mail info@drukkerijvanberkum.nl ->

Nieuw boek: Lees maar

  • Zojuist verschenen! 11 oktober 2011 LEES MAAR 19,90 Uitdagingen voor gereformeerde theologie vandaag Bijdragen over bijbellezen en christelijk leven De laatste jaren is er in kerken die zich gereformeerd noemen veel veranderd. Opvattingen over de leer van de kerk, over historische bijbelgedeelten, over ethiek en tucht zijn geruisloos maar radicaal veranderd. Waardoor is dat gekomen? Waarom sterft de kritiek over die veranderingen zo gemakkelijk uit? Er wordt gezegd dat de kerk met haar tijd mee moet. Er wordt gezegd dat het uiten van kritiek de kerk schaadt. Er wordt gezegd dat het allemaal niet zo simpel is. En wie wil er nu een conservatieve scherpslijper zijn, die het beter weet dan mensen die er verstand van hebben? LEES MAAR wil laten zien dat we alleen in de Bijbel kunnen lezen hoe we met onze tijd, met elkaar en met de wereld moeten omgaan en dat echte wijsheid alleen in de Bijbel te vinden is. Het gaat over het lezen en toepassen van de heilige Schrift in deze tijd. LEES MAAR gaat in op veelgestelde vragen en drogredenen, zoals: - Leest niet iedereen de Bijbel vanuit zijn eigen vooronderstellingen? - Als wij de Bijbel samen met een gelovige intentie lezen, dan is dat toch van de heilige Geest? - Het is toch niet zo belangrijk voor ons persoonlijke geloof of alles precies zo gebeurd is zoals het er staat? - Is Jezus navolgen niet veel belangrijker dan het toepassen van geboden? - Houden we elkaar door de liefde niet veel beter vast dan door de tucht? De auteurs van LEES MAAR zijn L. Heres, C. Koster, ds. J.R. Visser, J.P.C. Vreugdenhil en H. Vreugdenhil-Busstra. Het voorwoord is geschreven door drs. L.J. Geluk. Het boek bevat tevens een bijdrage van dr. P. de Vries over de duidelijkheid van de Schrift.

Brede en smalle weg



  • -> ZIE ZONDE EN DE SMALLE WEG ->

VERSCHENEN

  • -> VERSCHENEN: HOE GOD ALLES MAAKTE->

    -> Van ds Rob Visser is er een boekje verschenen dat heel aktueel is. Hij geeft in dit boekje een uitgebreide uitleg van Genesis 1-3. In andere hoofdstukken gaat hij in op vragen of de dood er al was voor de zondeval, of Adam en Eva echt de voorouders van ons allemaal zijn en nog veel meer. ZIE OP MENU: NIEUW BOEK->

kinderdoop nodig?



  • -> Zie op menu->

CHRISTUS REGEERT

  • -> Christus regeert, Hij is de overwinnaar BELANGRIJKE OPMERKINGEN BIJ DE LEER VAN HET CHILIASME ->

    -> Zie Duizendjarig Rijk Openbaring 20 ->

Crematie

  • -> Verassen of begraven?->

    -> ZIE CREMATIE ->

NU VERSCHENEN

  • -> BELIJDENDE KERK BLIJVEN Ds HW van Egmond Ds HG Gunnink Ds PL Storm Ds JR Visser-> ’een kerk die leeft belijdt - een kerk die belijdt leeft’. Het is een bundeling van een aantal opstellen over de functie van de belijdenis van de kerk en de binding eraan. Dit boekje is uiterst actueel vanwege de ontwikkelingen in de kerken. Te koop in de boekhandel Ook te bestellen bij: Van Berkum Graphics BV, telefoon 0229 23 80 97 e-mail info@drukkerijvanberkum.nl ISBN 978 90 81171021 - 112 pagina’s € 13,50 (excl. verzendkosten) -> Nog steeds verkrijgbaar: Hoe God alles maakte, ds. Rob Visser - 56 pagina’s - € 9,95 De wereld, onze woning, dr. C. van der Waal - 128 pagina’s - € 12,95 nu voor € 9,95 ->

Bijbelboek Job

  • -> HOE LEZEN WIJ HET BIJBELBOEK JOB ->

    -> Zie bij menu Bijbelboek Job ->

Onvergeeflijke zonde



  • -> Over zonde tegen de Heilige Geest Zie Zonde vs Geest ->

Google Analytics Alternative Real Time Web Analytics Copyright 2002-2017